Ecuador – het zuiden, le sud

23 – 27 februari 2017

Na de ‘race’ door Noord-Peru, zijn we blij de grens mer Ecuador over te steken. De grensovergang had wel wat voeten in de aarde. We moesten meer dan 2u wachten op een code die nodig was voor op het immigratiedocument van de Def. Maar – behoudens dat – is onze eerste kennismaking met Ecuador erg positief. De douanebeambten waren heel erg sympathiek en dat blijkt met alle Ecuadorianen die we tegenkomen. De natuur is hier prachtig! Bananenbomen en andere fruitbomen (waarvan we meestal de naam niet kennen) wisselen elkaar af met ander groen en… bloemen! Dit alles in een groen heuvelig landschap (afin, heuvels… we zitten op hoogtes tussen de 2000 en 3000m boven zeeniveau). De weggetjes meanderen hier door de bergen, geen 50m zonder (scherpe) bocht. Geen makkelijke rijbanen, maar mijn chauffeur Jan doet dat uiteraard voortreffelijk! 

screenhunter_019

De wegen zijn hier anders best in goede staat en de huizen die we hier zien, hebben allen een hogere afwerkingsgraad dan de huizen die we de voorbije maanden hebben gezien.

Onze eerste stop is Zumba, gewoon een kleine tussenstop om dollars af te halen (Ecuadorianen betalen met de US dollar!), wat boodschappen te doen en een nachtje te slapen alvorens verder te reizen naar Vilcabamba.

Vilcabamba ligt slechts op 130 km, maar daar rij je hier al snel 2,5 tot 3u over.

Vilcabamba is een bijzondere plaats. De levensverwachting van de mensen hier ligt erg hoog. Er zijn alvast meerdere 100 plussers en dat zien we tijdens de carnavalsoptocht die we hier bijwonen. Dit kleine stadje is ook een populaire nieuwe woonplaats voor buitenlanders. Mensen van alle uithoeken van de (westerse!) wereld immigreren naar hier. Zo komen we een Belgische dame tegen die 10 jaar geleden besloten heeft hier Franse bakkerij te openen. We doen een klapke en kopen een aantal van haar heerlijke baguetten en broden. Zoooo zalig om nog eens een echt lekker brood te eten!

Het is hier net Carnavalweekend. En je moet duidelijk niet in Rio zijn om een uitbundig Zuid-Amerikaans carnaval mee te maken. We worden natgegooid met waterballonnen, de kinderen doen mee aan de schuimbussengevechten en zien er lief uit!

screenhunter_028

We verblijven hier in een ecolodge op het natuurdomein van Rumi Wilco net naast het stadscentrum. De gezellige blokhut is een perfecte schuilplaats tegen de veelvuldige regen hier. Ja, het is regenseizoen en daar kunnen we hier niet omheen.

Na ons vertrek uit Vilcabamba houden we nog halt in het Nationale Park van Podocarpus. Dit immense park kent een hele grote biodiversiteit. Er zijn meer dan 500 diersoorten (o.a. Zwarte beren, wolven, Puma’s en tapirs) en meer dan 3000 verschillende plantensoorten.

screenhunter_020

We picknicken eerst aan de rangerpost en gaan dan op wandel. De ranger raadde ons nog af om de wandeling van 5km te doen wegens her slechte weer, maar het zonnetje kwam weer door en dus wagen we het erop. 5km is toch geen grote wandeling, dus dat denken we snel afgelapt te hebben. Helaas, we doen er 3,5u over. De smalle weggetjes over de bergkammen zijn niet altijd makkelijk begaanbaar, er zijn vooral heel wat moeilijke klims en afdalingen. Op bepaalde plaatsen hangen er zelfs touwen om de wandelaars te helpen de stijle helling op te klauteren. Halverwege wordt het ook erg mistig en bewolkt. Het laatste uur van onze wandeling  regent het onophoudelijk en dus we zijn allemaal nat tot op onze onderbroek!

screenhunter_025

Gelukkig kunnen we hier in een hutje blijven slapen en hoeven we de tent met dit weer niet recht te trekken. Ook de overdekte kampeerkeuken van de rangers helpt ons om onze avond door te komen. Want de regen… die stopt niet!

Daags nadien zetten we koers naar Cuenca, de zogezegd levendigste stad van het land. Maar de bevolking moet hier nog met een kater in bed liggen. De straten zijn leeg, de winkels dicht. We eten in een Indisch restaurant (faut le faire, in Ecuador…) en slapen in een warm hotel, waar we ook onze kleren kunnen uithangen om droog te krijgen. 

———————————————————————

Equateur- le Sud

23 – 27 février 2017

Après “la course du Nord du Pérou”, nous sommes contents de pouvoir croiser la frontière d’Equateur. Nous sommes acceuillis par des douaniers super sympas, mais le temps d’arranger nos papiers prend plus que 2h!

Notre première impression de ce pays est très positive. La nature est splendide! Les collines vertes sont couvertes des bananiers, des arbres de papaya et des autres fruitiers dont nous ne connaissons pas le nom et… plein de fleurs! 

screenhunter_023

Les maisons et les jardins ici sont bien entretenus et tous les gents qu’on rencontre sont hyper sympas, gentils et sincères.

Les routes sont bonnes, mais lentes à cause des nombreuses virages. Pas toujours facile à conduire, mais mon chauffeur Jan fait un travail impéccable!

Notre premier arrêt se fait à Zumba. Rien qu’un petit stop pour retirer de l’argent (des US dollars ici en Equateur), faire des courses et de rester la nuit avant d’aller à Vilcabamba.

Vilcabamba est seulement à 130km, mais nous y faisons 2,5 à 3h à cause des routes sinueuses.

Vilcabamba est un endroit spécial. L’espérance de vie des gents ici est élevée. Qu’il y a plusieurs gents de plus de 100 ans est même claire dans la procession de carnaval.

screenhunter_030

Pas mal d’étrangers sont attirés par cette petite ville et viennent y habiter. Selon eux une dame de Namur qui a déménagé ici il y a 10 ans. Elle y a ouvert une boulangerie Française et nous nous régalons de ces pains et baguettes délicieux. Mmmmm, que ca fait du bien!

C’est le weekend de Carnaval. C’est claire, pas besoin d’être à Rio pour fêter un carnaval Sud-Américain. Nous sommes attaqués par des ballons d’eau et des bouteilles de mousse et nos enfants y participent avec plaisir!

Nous logeons dans un écolodge dans la domaine naturelle de Rumi Wilco, pas loin du centre ville. Ces cabines sont entièrement fait du bois et sont bien aménagés (cuisine équipée , salle de bain, des lits,….). Très cool, selon les enfants. 

Nous quittons Vilcabamba et nous dirigeons vers le Parque National de Podocarpus.  Ce parc contient plus que 500 sortes d’animaux (dont les ours noirs, des Puma’s, des tapirs, des loups,…) et plus que 3000 sortes de plantes et de fleurs. Nous prenons le picnic au station du ‘ranger’ et voulons faire une promenade de 5km. Le ranger nous advise de faire une promenade plus courte à cause du temps, mais quand le soleil réapparait, nous décidons évidemment de faire le tour complet. Les paysages sont magnifiques, mais la route est dûr à faire avec beaucoup de montés et déscente très difficile. Biensûr que le ciel devient de plus en plus nuageux et la pluie est de retour… Nous faisons finalement 3,5h pour faire cette randonnée et arrivons comme des poules mouillées au station du ranger. Heureusement qu’on peut loger ici dans un petit “cabaña” et que nous pouvons utiliser leur cuisine couverte de nous protéger de la pluie qui n’arrête pas de tomber…

screenhunter_027

Le lendemain nous embarquons nos vêtements salles et toujours mouillés et nous dirigeons vers la vie civilisée à Cuenca, la ville la plus vive en Equateur. Mais…. après ce weekend de carnaval, il y a peu de vie dans cette ville. Les magasins sont fermés et on voit peu de personnes dans les rues.

On s’en fou. Nous mangeons dans un resto indien et dormons bien chaud et sec dans un hotel ou on en profite de secher nos vêtements…

screenhunter_026

 Spijtig genoeg zijn we wat beeldmateriaal (van carnaval) kwijt dat we graag in de tekst hadden gezet. On a perdu quelques photos (selon ceux du carnaval), beaucoup de texte cette fois ci. Nos excuses.
Advertenties

Colca Canyon

13 – 14 februari 2017

Tijdens ons verblijf in Chivay nemen we de mogelijkheid om niet enkel het kleine maar gezellige stadje te bezoeken, we maken ook een trekking door de Colca Canyon.

Deze canyon is de derde diepste van de wereld, met een maximum diepte van meer dan 3000 meter. In groep en onder begeleiding van een gids dalen we op dag een af in de canyon. Na een goede halve dag wandelen staan we op de bodem van de canyon aan de rivier. Via wandelpaadjes, er zijn hier geen auto’s, wandelen we naar het iets meer stroomafwaarts liggende dorpje waar we de nacht gaan doorbrengen. Er is een zwembad en een happy hour in de bar. Het ijs tussen de groepsleden was al eerder gebroken tijdens de wandeling, en dus spenderen we samen een gezellige avond. Onze medestappers zijn allen jongeren die al dan niet voor langere tijd rondreizen. Onze familie vertegenwoordigt de jongste, maar ook de oudste deelnemers van deze tocht.

screenhunter_008

De volgende morgen staan we om 04:45 gepakt en gezakt klaar om de lange tocht naar boven (1300 meter omhoog) te starten. Tijdens het stijgen komt de zon ons wat opwarmen. We komen een kudde muilezels tegen die onderweg naar beneden zijn met voedsel en proviand voor het dorp. We verwonderen ons echt hoe deze mensen in het donker deze afdaling veilig konden afronden.

De kinderen doen het ongelooflijk goed. Ze lopen constant vooraan in de groep. De tocht is echt wel zwaar en meerdere van de minder geoefende volwassen zien zwarte sneeuw en blauwe bollen.

screenhunter_005

Tegen de vroege morgen staan we eindelijk boven. De kinderen worden uiteraard uitbundig gefeliciteerd. En terecht!

We krijgen nog een ontbijt, springen in de bus naar de condors viewpoint. Nadat we eindelijk enkele condors gezien hebben, het duurde veel te lang voor de kinderen, rijden we tot aan een thermisch bad. HEERLIJK voor onze vermoeide beentjes.

screenhunter_011

————————————————–

Pendant notre temps à Chivay (reparation xxx de notre voiture), on profite d’aller faire une randonnée.

On descend dans le Colca Canyon, le troisième plus profond canyon dans le monde. Il mesure plus de 3000 mètres, mais nous descendons à l’endroit où le canyon mesure ‘seulement’ 1239 mètres.

screenhunter_004

Nous rencontrons le reste de notre groupe, tous des jeunes étudiants. Notre famille représente les participants les plus jeunes et les plus âgés du groupe. Il faut pas dire que les autres gents nous regarde avec (dés)espoir : est-ce que la famille réussira de monter demain ?

screenhunter_003

Apres une bonne promenade, on se trouve en bas du canyon. Ici on a pas de voiture, ni moto. Toutes est transporté à pied ou par âne.

screenhunter_004

Notre ‘hôtel’ est un peu plus loin dans un petit village. L’ hôtel est équipé d’une piscine remplie avec de l’eau frais de la rivière. Quelle fête, surtout quand on découvre qu’il y a aussi un happy hour dans le bar.

screenhunter_007

Pas de nuit blanche pour nous, à 4h45 on est prêt à partir, à monter les 1239 mètres! Nos 3 chèvres de montagne suivent le guide du près et au début du groupe. Il y a des adultes moins sportives qui souffrent fort! (non, ce’nest pas moi, le plus âgé du groupe.)

Quand on arrive en haut, les enfants reçoivent des félicitations de tous, avec raison ! Quelle prestation !

screenhunter_012

Apres un bon petit déjeuner, on va voir des condors. Mais il y a pas mal de brouillard. Et les condors sont comme les Fokkers de KLM qui ne savez pas voler dans le brouillard !

On les vois quand même, après une heure d’attend ! Les bains thermiques sont notre prochaine stop. Ca fait du bien pour les jambes fatiguées.

screenhunter_010

From 5000 to 0

17 feb – 21 feb 2017

These are not RPM’s, or kilo’s. This is us driving from Chivay to the sea level in one day. Via a beautiful and well maintained road we drove in one day from almost 5000 meter to the sea.

It’s the right way for the car. Defenders don’t like driving above 4000 meters high. Below this altitude, they perform better, with less black smoke and more power.

Also for us, it was a welcome change after more than 6 weeks at altitude, finally at the sea again!

screenhunter_001

We take the opportunity to have a picnic ‘pied a l’eau’. We needed some extra time to get back on the road….

screenhunter_002

After struggling more than a month with the turbo, first the rebuilt one who worked for 3000 km, and now a new one, it seems the Defender is behaving again.

We follow the Panamericana to the North. At the beginning from Camana to Yauca it was a single lane road curving around the mountains and the creeks. Later more to the north it’s mostly a highway with two lanes, but in all cases it’s a well maintained road. A pleasure to drive and make kilometers, we love the scenery passing by.

A stop at the NAZCA lines is off course obligatory! We climb up the Maria Reich tower. This German scientific has spent most of her life investigating the different lines. Since we did not want to spend the money on a airplane we could only see a limited amount of lines, satisfying enough!

The day after we stay in Ica, this is the paradise of sand dune driving and snowboarding. While Barbara is taking some ‘me’ time, the kids and me take some ‘we’ time. We have a lot of fun. When the driver/guide drives up to the next high hill for the sunset, the kids only have an eye for the next descend awaiting them. Exhausted and satisfied we flush the sand of in the swimming pool!

There was no stop planned in the capital city, Lima. We pass the mega city on Sunday during daytime. We anticipated less traffic…Luckily enough the copilot guided us through without hesitation.

In Lima we meet Land Rover Peru Members. Enough to talk about!

We stay for a night in a swimming paradise. We have more than three swimming pools available, two slides. In the evening we socialize with two young holiday workers from the resort..

Temperature during day and night is much higher than in the mountains, which brings lovely evenings, and a lot of Mousquitos.

We pass 20.000 km in South America, equivalent to 4 years of school run and cruising around the church with the Defender!!

 

 

Run over your own winch

The Defender is from day one when I purchased it in 2008 equipped with a removable winch. This winch is attached via a 1 ½” receiver either on forward or aft of the car. Since we have been told in the different overland story’s that a winch was needed during an overland trip we took ours with us. We have only used it onces in the last 5 months. The winch was high on the list to send home with the grand parents, my parents in law, when they returned form there visit in Peru. But weight restrictions on the plane have taken over. 🙂

After we left Juliaca we have been driving mainly on nicely asphalted roads. Peru has a set of nice roads! During our descend to Chivays we heared a loud bang, and in the mirror I could see some torned up metal. Also a trace of oil was marking the road.

screenhunter_089

Further investigation shows that the winch felt off, and we have been driving over it. First it has hit the anti rollbar, than the transfer case, after which it has clear cut the aft prop shaft off. A big hole in the transfer case cover, a propshaft which was reduced to some metal scrap and a winch broken in half was the major damage.

We have been lucky that a friendly couple underway with there young child to visit their parents in Chivay wanted to take us with them. We left the Defender on the side of the road and jumped all 5 on the aft seat.

Chivay is a small but friendly village. One mechanic workshop, El Azul, was pointed out to us for his knowledge and craftsmanship. This turned out to be 200% through, but also we met a very friendly and sympathic couple, Irma and Salamon. We have been fortunate, again!

screenhunter_070

Immediately after explaining our problem we jumped in a taxi to drive up the hill again and check what could be done.

The car was brought down and a plan was established. We were invited to sleep in there house for the night.

screenhunter_072

Since it was weekend and the spares would come during the week we took the opportunity to walk down into the Colca Value. This is the third deepest canyon in the world. 1239 meter down and back up.

During a small talk with Salamon it turned out he was looking to have a similar winch like we have. He would use it to help and recover cars in problems. I had the remaining’s of the winch which we had found after the incident already stored on the roof in a storage box. I was planning to repair the winch when home. But when I understood Salamon was looking for such a winch, I was more than glad to take it out the storage box and present it to my new friend.

screenhunter_071

 

 

Thanks Salamon and Irma!!

 

 

Cusco & Machu Picchu

Cusco: Een mooie stad, leuk gezelschap. Dat kan hier niet meer stuk!

screenhunter_022

 

De aankomst en weerzien was erg leuk! Barb en ik waren namelijk apart gereisd, terwijl Nina en Opa de kinderen onder hun hoede namen.

screenhunter_008

De volgende morgen kopen we ons een toegangsticket voor de Inca sites rond Cusco en regelen we onze toegang tot Machu Picchu en de trein heen en terug (amaaai mijne portomonnee).

screenhunter_016

We wandelen in de stad, nemen een taxi met 7 in een auto voor 4 personen, en eten lekker.

Cusco geeft niet de indruk dat het 3400 meter hoog ligt, aangezien het in een dal ligt tussen nog veel hogere bergen.

Het Saqsahuaman complex boven de stad is uitzonderlijkmooi. Deze versterkte incaburcht bestaat uit immense stenen die ingenieus in elkaar zijn gepast.

Daags nadien rijden we door de Sacred Valley via Pisaq naar Ollantaytambo. We zitten in een echte toeristenbus, met gids. Erg interessant, en ook eens een andere manier van reizen voor ons.

Op de berg Cerro Kuntur net boven Pisaq ligt een ruïne van de Inca’s bestaande uit een burcht, stad, heilige plaatsen en nog hoger een astronomische observatie plaats, zonnewijzer of Intihuatana in het Quechua. Ook hier vinden we weer ontelbare terrassen in de bergen rond de stad. De Inca’s kende het principe van terrassen om erosie tegen te gaan, irrigatie te regelen, maar ook om de temperatuur te regelen. Op deze manier konden ze gewassen kweken op hoge hoogte, die normaal gezien op deze hoogtes niet zouden kunnen gedijen.

’s Middags eten we in een erg mooi restaurant. Tegen dat we een/enkele van de lekkere dessertjes van het buffet nemen komt de BBQ kok net voorbij met een schotel Cuy, cavia. Verdorie, dat hebben we gemist!

screenhunter_013

Girl power

Ollantaytambo, een kleine nederzetting in de vallei van de Urubamba is onze eindbestemming van de dag. Hier komt de Inca-trail van Cusco naar Machu Picchu langs. De Inca’s hebben hier een hele stad, een rustplaats voor de mensen die langs de trail trokken, gebouwd: een Tambo genoemd in het Quechua. Een tempel en een offersteen ontbreken ook niet. De 279 treden naar boven overwinnen we allen makkelijk. Hoe de Inca’s in de tijd de granieten stenen voor de tempel op deze hoogte kregen, blijft een misterie. Men weet wel dat de stenen (tot 80 ton/stuk) van de overkant van de vallei kwamen. Ze werden gekapt, naar beneden gerold, waar ze over de rivier Urubamba rivier moesten geraken. Daarvoor verlegde de inca’s de rivier. Makkelijker kan niet, wel? Het bouwwerk is waarschijnlijk nooit afgeraakt. Er lagen nog verschillende stenen langs de mogelijke route.

screenhunter_026

Men heeft ook getest hoeveel mensen men mogelijks nodig had om deze stenen te verleggen: 160 man om een steentje van 8 ton horizontaal te bewegen. Dat zou dan willen zeggen 1600 man voor de grotere stenen van 80 ton……waar zouden die allen staan op die berg? Men weet het niet. Ezels en paarden had men toen nog niet. De alpaca en llama kunnen wel als lastdier gebruikt worden, tot 40 kilo kunnen deze dieren makkelijk dragen. Tegenwoordig verkiest men de (muil)ezel voor het transport van goederen.

In de rotsen aan de overkant van de tempel is een Inca gezicht uitgehakt. Op 21 juni schijnt de zon recht door de ogen van de uitgehakte Inca op de tempel. Het startsein voor de Inca’s om terug te beginnen planten op hun vele terrassen.

De oogst werd gestockeerd in de graanschuren die tegen de rotsen plakken. De schuren werden zo geplaatst dat er een constante frisse wind de oogst vers en droog hield. Er zouden recent tijdens opgravingen nog aardappelen gevonden zijn die nog eetbaar waren! Knap! We klimmen naar boven met ons zoutvatje op zoek naar meer aardappelen. We vinden er geen, dus genieten we van het uitzicht op de stad die tijdens de Inca tijd gebouwd werd in de vorm van een choclo, Quechua voor mais. Toch nog duidelijk zichtbaar!

De dag nadien bezoeken we een open zoutmijn, de Salinas. Deze mijn wordt gevoed door een riviertje dat uit een spleet in een rots tevoorschijn komt. Ook lang geleden was dit al een belangrijke plaats: ten tijden van de frigoloze keuken was het zout erg belangrijk om vleeswaren te bewaren.

Nadien rijden we door naar Maray, een cirkelvormige terrasbouw waar de Inca’s testen deden met hun landbouwgewassen, temperatuur en irrigatie. Elk terrasje meer naar beneden steeg de temperatuur met 0,5 graden. Helemaal beneden hebben ze een gigantische witte steen ingegraven, 1 meter onder de grond. Deze steen capteert de warmte tijdens de dag en geeft deze terug af tijdens de nacht. Op deze site werden verschillende medische planten geteeld. De Inca’s kende de werking van ontelbare kruiden. Dit liet hen toe om operaties uit te voeren, gebroken beenderen te helen,….

Machu Picchu, voor velen enkel een super toeristische attracties, voor anderen het symbool van Peru. Een verborgen stad die pas in 1911 ontdekt werd door de Amerikaanse onderzoeker Hiram Bingham. Het is alvast een erg speciale plaats.

Vanuit het plaatsje Agua Calientes, nu Machu Picchu Pueblo, genoemd rijden we in de vroegte naar boven per bus. De drukte is niet overdreven, de site ligt er prachtig bij in het vroege ochtendzonnetje. De volledige site is erg goed onderhouden en geeft een goed beeld hoe deze 400 tot 700 mensen hier 800 tot 600 jaar geleden zouden hebben geleefd.

screenhunter_018

Ondanks het feit dat de stad 1000 meter lager ligt dan Cusco, heb je het idee om boven op de wereld te zitten. De afgronden naar de Urubamba rivier die rond de stad meandert, zijn impressionant. Je moet er maar op komen om hier een stad te bouwen.

screenhunter_025

Het is algemeen geweten dat er nog andere Inca sites zijn die ook prachtig zijn, maar Machu Picchu is een superlatief. Toen Mister Bingham hier binnenwandelde, begeleid door een locale boer die hij eerst gunstig gestemd had, dacht hij dat hij Vilcabamba ontdekt had, de verborgen hoofdstad waar de laatste Inca’s zich in hadden terug getrokken bij de start van de Spaanse Kolonisatie. Daarom werd deze stad voor lange tijd verkeerdelijk als de verloren stad beschouwd. Later in 1946 heeft de wetenschapper XXX de stad Espiritu Pampa als de verborgen stad geïdentificeerd. Deze stad is echter enkel bereikbaar na een trektocht van een week! Ze staat alvast op mijn verlanglijstje van must do!

We keren terug naar Cusco, waar we afscheid nemen van Nina en Opa. Zij vliegen terug naar België. Wij hebben alvast erg genoten van de dagen samen, het was erg aangenaam en ook speciaal om in een ander continent met de (schoon)ouders te reizen.

We kicken nog een dagje af, terwijl bezoeken we het Inca museum, gaan naar de kapper en laten de was doen.

De volgende dag nemen we de bus naar Juliaca. Het is een goedkoper ticket dan hetgene we kochten voor de kinderen om van Puno naar Cusco te reizen met de bus waar ook Opa en Nina mee reisden. We hebben geweten waarom! Ondanks het feit dat de seniorita aan de verkoopsdesk ons verzekerde dat we een directe bus namen met ‘cama stoelen’ (= de businessclass van de bussen) stopten we constant om lokale mensen in en uit te laten. We zaten in een boemel in plaats van een intercontinental. De beloofde en door ons geambieerde aankomst tijd van 13.00 werd uiteraard niet gehaald…

In Juliaca kunnen we gelukkig wel vrijwel meteen in onze gemaakte auto stappen en laten met veel plezier deze vuile, slecht onderhouden stad achter ons, op weg naar de Colca Canyon.

 

Nog enkele foto’s voor de bouwers onder ons:

En de wetenschappers:

screenhunter_027

zonnenwijzer

Straks in Peru

Zondag 29 januari 2017

Na onze passage in La Paz en omstreken, besluiten we Bolivië stilaan achter ons te laten. We rijden eerst nog tot in Copacabana, één van ’s lands populaire ‘badplaatsen’. Wegens gebrek aan oceaan of zee, is het Titikaka meer de strandplaats bij uitstek. Copacabana ligt op een schiereiland in het meer en grenst aan de Peruaanse grens. Om er te geraken, moet je een smalle zeestraat over. We kijken onze ogen uit als we merken dat enkel grote houten (lijken wel gammele) sloepen klaarstaan om bussen en auto’s naar de overkant te loodsen.

screenhunter_051

Er wordt zwaar naar ons gegesticuleerd en we rijden met de nodige verwondering het houten druivende platform op. Met lange stokken wordt de sloep van de kant geduwd alvorens een buitenboordmotortje de navigatie overneemt. 

Bij aankomst in de stad, komen we in een ‘ander’ Bolivië terecht, een mondain… (naar boliviaanse normen natuurlijk!). Er is inderdaad een geanimeerd strandleven en het zonnetje is van de partij.

We slaan onze tent op op een camping zowaar (de eerste officiële camping die we tegenkomen in dit land) en gaan snel even naar het strand met de kinderen. Ze hebben een “inloopbal” gezien op het wat en willen deze graag eens proberen. We hebben best nog wat bolivianos over en nog maar één avond over in dit land, ze hebben dus geluk, hun ouders zijn inschikkelijk…
Daarna is het snel snel koken, want de avond valt hier snel.

Maandag 30 januari 2017

Tent opruimen en naar de douane! Bye bye Bolivië, hello Peru!
De grensovergang ging niet helemaal zonder slag of stoot. Nadat we bij migratie en douane voor de wagen zijn geweest, denken we klaar te zijn. We rijden de bareel dus door, maar worden plots gestopt door de politie. Jan moet als chauffeur mee naar een bureautje waar hij geregistreerd moet worden in één of andere dikke boek, rijbewijs en papieren van de auto worden nog eens gecontroleerd. De politie doet nogal hautain en Jan krijgt het op zijn webkes bij zoveel onbenulligheden. Gelukkig houdt hij zich in, en kunnen we 10 min later toch de grens over.

Een paar 100m verder is al meteen de Peruaanse grens. Er is een lange wachtrij, maar behalve dat gaat de overgang gemakkelijk.
Yes, we zijn in Peru! Ons vierde land deze reis.

De tocht gaat vandaag naar Puno, waar we morgen Nina & Opa (mijn ouders) zullen verrassen. We hebben nl maar een paar dagen later afgesproken om elkaar te ontmoeten tijdens hun 2-weekse trip. We eten ’s middags een boke aan de waterkant en Jan en de kinderen testen de temperatuur van het water uit. De sfeer zit er goed in, helaas niet voor lang…

We zijn nog niet goed van onze picnic plaats vertrokken, of we horen een vreemd geluid uit de motorkap komen. Oei, wat krijgt de turbo nu? We stoppen even, kijken, maar no choice, we gaan door en willen in Puno wel eens nakijken hoe we dit kunnen verhelpen. 

Niet veel later wordt het geluid vergezeld van witte rook. Mmmm, dit is echt niet goed. We moeten echt stoppen en hulp zoeken. De auto is gestrand op zo’n 7 km van het kleine stadje Juli. We splitsen ons op, ik ga met een ‘collectivo’ (een busje dat onderweg mensen oppikt en meeneemt naar op de voorruit aangeduidde bestemmingen) mee en ga op zoek naar een sleepdienst in het centrum. Jan en de kinderen blijven bij de auto. De zoektocht naar de sleepdienst is een hel. Ik word van het kastje naar de muur gestuurd. Krijg hoop geholpen te worden, maar na lang wachten word ik weer weg gestuurd. Na anderhalf uur is de maat vol. Ik weet dat Jan en de kinderen op mij wachten en rekenen dat ik met een oplossing kom, en ik kom niets voorruit. Daarenboven kan ik niet met Jan communiceren om te laten weten hoever ik sta. Ten einde raad vraag ik aan een verkeersagent op straat of hij me niet kan helpen, en dat was blijkbaar een goede zet. De politie neemt me mee naar het gemeentehuis van Juli waar ze erg behulpzaam blijken te zijn. Na wat gebel door de ambtenaren en over en weer geregel, mag ik mee in een grote pick-up die onze Def tot in de stad zal trekken. Dat is toch al stap één. 

Bij mijn aankomst aan de auto, lachen 3 blije kindergezichtjes me toe. (Ze waren ongerust en dachten al hun mama voor goed kwijt te zijn.) De Def wordt aan de Pick-up gehangen en we bewegen weer!
In Juli mogen we de auto op een parking zetten, wordt de turbo gedemonteerd en wordt er transport voor ons naar Puno geregeld. 

So far, we are! Maar voor morgen staat er heel wat geregel op het programma! 

Dinsdag 31 januari 2017

Na een dag vol frustraties gisteren, wordt dit weer geen leuke dag. Op het programma staat: reparatie voor de turbo vinden, een sleepdienst voor de def regelen, een huurauto zoeken om de komende dagen verder op stap te kunnen met Nina en Opa en ons geplande 2-daagse bezoek (met overnachting) herprogrammeren naar een ééndagstrip. En de kinderen, die moeten weer mee, de schaapkes!

Het herboeken van onze excursie ging makkelijk.

Een huurauto vinden wordt onbegonnen werk (geen autoverhuurbedrijven in Puno!)

De toeristische dienst helpt ons met het zoeken van een sleepdienst en een turbo specialist. De dames verdienen een gouden pluim, want dankzij hun hulp zijn Jan en Lucas ’s namiddags met een pick-up onderweg naar Juli (100km van Puno) om de Def op sleeptouw te nemen voor een tocht van maar liefst 4u en 150 km tot in Juliaca.

Daardoor missen ze beiden helaas de spanning die Rianne, Arthur en ik beleven in het “verschansspel” voor Nina en Opa. ’s Namiddags doen we nog wat ontdekking van de stad Puno, maar vanaf 16u durven we ons bijna niet meer uit de hotelkamer te begeven. Vanuit de kamer hebben we gelukkig een goed zicht op de ingang van het hotel. De spanning stijgt bij elk busje dat aan het hotel stopt. Als eindelijk 2 voor ons bekende personen uitstappen, wordt het moeilijk geduldig te blijven. We hadden onderling afgesproken om onze verrassingsact pas te maken als we compleet zouden zijn. Maar als Jan en Lucas om 20u nog niet te bespeuren zijn, doen we het zonder hen.

Het is een blij weerziens, helaas wel met de domper dat we alweer de gemaakte plannen niet kunnen uitvoeren wegens technisch effect van ons voertuig…

Als Jan thuiskomt, heeft hij gelukkig goed nieuws. De mechanieker kan morgen om 17u onze auto weer op de baan krijgen!

Woensdag 1 februari 2017

We vergeten even alle auto-ellende en gaan de Uros eilanden bezoeken. Dit zijn drijvende eilanden gemaakt van riet. Er zijn 89 eilanden en er leeft een community van zo’n 200 locals. We maken deze tour met Juan Del Puerto (Titikaka Travel) die naar eigen zeggen op één van de eilanden woont. We worden deskundig met hun kleine bootje tot op eiland “Sol y Luna” gevaren en maken er kennis met zijn dochters die speciaal voor de toeristen in traditionele klederdracht zijn uitgedost.

Juan legt ons uit hoe zulke eilanden worden opgebouwd, hoe ze worden verankerd, hoe ze worden onderhouden, hoe er gekookt en geslapen wordt,… Nadien worden we zelf aangekleed in kleurrijke kledij en zijn we even één van hen! 

Op onze vraag bezoeken we ook de lagere school van deze drijvende rieten eilanden!

Tegen 15u keren we terug naar de stad, klaar voor wereldse zaken: de auto ophalen!
Maar aan het hotel wacht er slecht nieuws. De turno kan niet worden hersteld, er dient een nieuw binnenwerk te komen vanuit Lima. We geven zo snel mogelijk onze toezegging en krijgen weer nieuwe beloftes. Morgen om 15u is de turbo beschikbaar.
Allé hop, weer onze plannen wijzigen. En deze keer moeten we ook rekening houden met onze bezoekers…. of we maken er dankbaar gebruik van…

’s Avonds worden we door mijn ouders getrakteerd op een etentje met Peruaanse show. Heel leuk! Dat Jan dit weer mist omdat hij in een andere stad verwacht werd voor technische besprekingen en afspraken (die Peruanen kunnen nergens initiatief in nemen!), verbaast u ongetwijfeld niets…

Donderdag 2 februari 2017

We profiteren even van de aanwezigheid van de grootouders door onze 3 kinderen alvast samen met hen naar Cusco te sturen in een luxueuze autocar.

Jan en ik blijven nog een halve dag in Puno om daarna richting Juliaca te reizen.
We willen ons een peruaanse simkaart aanschaffen, zodanig dat we makkelijker met elkaar in contact kunnen blijven in geval van problemen. De aanschaf van 2 prepaid simkaarten duurt – hou je vast – 1u40min!!! 

Voor we afreizen naar Juliaca pikken we nog heel even wat mee van de festiviteiten van “La virgen de la Candelaria” (oftewel Maria Lichtmis) dat hier uitgebreid gevierd wordt met dansen, muziek, optochten, bloementapijten etc. Sinds 2015 is dit feest Unesco erfgoed. 

screenhunter_056

Om 15u stipt staan we aan de mechanieker waar de nieuwe turbo zou moeten zijn. Maar we moeten uiteindelijk tot 18u wachten eer we hem ook maar te zien krijgen. Als de installatie van de turbo in de auto start, is het donker. Hoe handig! Bij momenten staat er tot 10 man rond de motorkap, maar de turbo erin krijgen loopt niet zo makkelijk. Om 21:30 is het eindelijk klaar en gaan we testrijden. De auto heeft geen power…. aaargh! Morgen opnieuw! We worden afgedropt aan een hotel maar met de afspraak om ’s anderendaags om 6u ’s morgens de turbo er weer uit te halen en te reviseren…

Eén ding staat als een paal boven water, we zijn blij dat de kinderen vandaag dit hele programma niet met ons hebben moeten doorlopen. De inefficiëntie en onbetrouwbaarheid van de Peruaanse mechaniekers, is ongekend! En onze frustratie (ver)groot. Muchas gracias, Nina & Opa!

Vrijdag 3 februari 2017

Om 5:30 gaat de wekker en springen we uit bed. Gelukkig komt de zon hier heel vroeg op en is het niet moeilijk om zo vroeg op te staan. Om 5:55 staan we voor ons hotel te wachten op de turboman die ons zou komen ophalen. Als hij er om 6:10 nog niet is, gaan we op eigen houtje naar onze auto. We maken er iedereen (met geniepig plezier!) wakker, afspraak is afspraak! De turbo uithalen duurt niet lang nu het licht is, maar de revisie duurt veel langer dan gezegd. Jan en ik wachten op een boomstam voor de turboshop en dat tot de middag! Dan schijnt er eindelijk schot in de zaak. De turbo kan weer in de auto worden gemonteerd. Ook dat gaat weer snel, maar de testrit geeft ook deze keer niet het gehoopte resultaat. Nog steeds ‘lack of power’.

Het is dan 13u, het is 5u rijden tot Cusco en geen gemaakte auto in zicht…We zijn het beu, pakken snel onze spullen bij elkaar en laten de turboman zitten met ons wrak! We begeven ons naar het plaatsje waar al de “collectivo’s” (soort taxidienst) staan en worden daar door wel minstens 15 man aangeklampt. Ze willen ons allemaal in hun wagen krijgen. We maken er dankbaar gebruik van en onderhandelen stevig in de prijs (50% korting!). Moe maar voldaan komen we rond 18u in Cusco toe en vervoegen met veel plezier onze kinderen en ouders. We vergeten onze auto-miserie en gaan nu genieten van de aanwezigheid van onze dierbare bezoekers!

Ps. Désolé nos amis francophones. Google translate vous aidera! 😉

Bolivia: Takesi Trail

kaart-takesiDu 24/1/17 jusqu’au 28/1/17.

Mardi 24/1/17

On veut aller voir le monsieur du Agence de tourisme pour faire le Camino de Takesi, mais il commence à pleuvoir et on voit une église. On rentre et il y a beaucoup de monde, on se demande pour quoi? Enfin un homme nous raconte qu’il y a un évènement qui permet aux gents d’acheter leur souhait pour l’an qui vient en miniature. Si le prêtre le mouille, leur souhait sera accompli. Une dame nous a donné un (faut) billet de 100 bolivianos et donc nous avons participé au évènement avec notre billet…

Il a arrêté de pleuvoir. On veut sortir mais il y a plein de monde qui veut sortir, mais aussi entrer. On se met en fil et on se faufile dans la foule. Au début, c’etait rigolo qu’on était sandwiché entre les autres personnes. Au bout d’un moment, c’était moins drôle. Nous trois, on se faisait ratatiner par les adults, heureusement une femme derrière nous avait dit de lever la main, pour monter qu’il y avait des enfants. Les gens nous pousait de plus en plus fort, un moment ma tête était coincé entre deux personnes. On avait atteint la porte de l’église et papa veut nous faire avancer plus vite, il prend les scultures de la porte et se pousse contre les gens. Enfin sorti, OUF. Mais après tous ce ménage, il a recommencé de pleuvoir mais on va toujours voir le monsieur du Takesi tours. Au début on ne le trouve pas et on deside de rentrer à l’hostel, mais au retour on l’a trouvé et maman&papa discutent avec le monsieur. On retourne a l’ hostel pour se préparé pour le tour dans 2 jours. 

Jeudi, 26/1/17 – Jour 1 du trekking 

Le minibus nous amène au début du tour. On se prépare et on marche jusqu’à la rivière où il n’y a pas de pond. Il n’y a rien, sauf des pierres donc on traverse par les pierres. On monte en marchant quelques kilomètres et on rentre dans le compartiment enneigé mais la pluie nous donne toujours frois et on marche pour avoir chaud. On monte très fort dans la neige bordée de rivière. On mange un biscuit et on continue la marche. J’ ai glissé 3 fois dans la montée. Quand on est arrivé au point le plus haut, on a vu qu’ il y a des gens qui habitent tout la haut à 4700m de hauteur. Là, il se trouve une mine d’or. Dans la déscente, j’ ai glissé 1 fois. Quand on n’était plus dans la partie enneigée, on a vu un animal qui avait la queue d’un écureuille la forme d’un lapin et qui court comme un rat; c’est un Viscacha.

Il y avait tellement d’eau par terre, que nos bottines étaient noyés. 

Un certain moment, le chemin s’arrètait. Heureusement que notre guide nous a montré qu’il fallait traverser la rivière mais cette fois, pas de pierres, pas de pont, rien que l’eau. “Enlèvez vos chaussures et traversez la rivière.” disait le guide. Nos chaussures étaient trempés et papa a décidé de remonter son pantalon, il a mis le gros sac à dos à l’autre coté de la rivière, mais avec ses chaussures aux pieds. Il nous a mis sur son dos et nous a transporté jusqu’à l’autre côté de la rivière. Merci papa! Après un long moment de marche, on arrive au village de Takesi.

Takesi veut dire ‘souffrir’, le village s’appelle Takesi parce que là bas tous les objets,legumes, fruits ,ect… doivent être amenés par ce sentier. C’est pas possible de atteindre le village en voiture. À l’arrivée, on c’est mis des vêtements chauds et on a installé les tentes. Le souper était super! Nous, on a crû que les dinners allaient être des pâtes en boîte, des tartines avec du fromage et du jambon. Mais notre guide adore faire la cuisine et nous a cuisiné un délicieux repas.

Vendredi 27/01/17 – Jour 2 du trekking

On se lève et on commence à ranger les valises et les matelas. On déjeune, on range la tente et on recommence à marcher. Il y a avait des marais partout et des petites rivières qui étaient facile à traverser et il ne pleut plus. Ce jour, il n’y a pas beaucoup de choses à raconter sauf que Rianne et moi, nous avons glissé plusieurs fois. Il y avait un beau soleil pas trops chaud, pas trops frois, c’était tiède. C’était agréable.

Au camping, il y avait des garçons locaux avec qui on jouait dans les arbres.

Vendredi 28/01/17 – jour 3 du trekking 

C’était la journée la moins chouette. Nous avons commencé la marche avec du soleil et on est arrivé à une rivière avec un courant infernable. Cette fois, papa pouvait pas nous porter. Ca serait trop dangereux. On a tous enlever nos chaussures secs, tout le monde se tenait à la main et on traversait la première des deux. (La rivière se separe en deux à ce moment.) Quand on arrive sur l’île, mes chaussures étaient trempés. J’avais même de l’eau dans mes botinnes. Pour la deuxième rivière, il y avait heureusement un pont et on traversait le pont. Tous traversé, on voyait justement arriver le berger avec ses ânes. Il n’était pas content de devoir traverser la rivière avec ses ânes. Papa, le guide et le berger rapportent les sacs à travers les deux rivières, puis c’était au tour des ânes! Le berger construit un chemin dans les deux rivières (le pont est trop petit pour les ânes) par enlevant des pierres. Puis, il fait traverser le premier et il l’attache à un arbre. Quand le premier âne voit traverser l’autre âne, il commence à crier…


Tous les ânes sont passés et on recommence a marcher. Le chemin est rigolo, ce sont des petit pond au dessus des vallées. On joue des jeux pendant qu’on marche. Quand on arrive a la fin du tour, tout le monde est content. Nous, le guide et le berger. Le minibus nous ramene a l’hotel. 

La promenade était super!!!!

Arthur