Bolivia: Uyuni, Potosí & Sucre

La Bolivie… un pays qui nous faisait un peu peur en avance. On avait déjà entendu des histoires sur le pays, positive mais aussi négative (insécure, pauvre, pas développé, sale,…). On plus, visiter un nouveau pays donne toujours un peu de suspence. Comment seront les gens, les magasins, où dormir? etc…
Notre première rencontre avec la Bolivie n’était pas facile. Les problèmes de voiture, le “invierno altiplano” (beaucoup de pluie), la route très mauvaise pour voir les lagunas, notre première nuit dans un endroit un peu spéciale avec une hôtesse pas vraiment gentille,…

Mais une fois arrivé à Uyuni, nous avons perdu notre coeur. Pas que Uyuni est tellement beau comme ville/village, mais on voit un peuple courageux, gentil une fois que tu les parles, traditionelle et moderne au même temps.
Il n’y a pas de ‘supermercado’, qui m’ambêtait d’abord un peu, mais une fois que tu trouves la joie de passer par les stalles du marché et de parler avec les femmes boliviennes, tu n’as plus envie de faire tes courses dans un supermarché impersonnelle.

screenhunter_036
Nos enfants font tournés beaucoup de têtes et apparaître des dents en or, ou… les 2 ou 3 dents qui restent dans les bouches des locaux….
A Uyuni nous visitons le fameux Salar, biensûr. Nous le voyons d’une manière spéciale. Pendant l’été ici, il y a beaucoup de pluie et donc le salar inonde… La couche d’eau reflecte le ciel bleu, les nuages et les montagnes autour, et l’horizon disparaît… c’est magnifique et merveilleux. Nous enlêvons nos souliers et nous baignons dans l’eau salé d’une température agréable. Même le picnic se fait pieds dans l’eau. 🙂


Notre hostel à Uyuni est Hostel Liliana, à recommander!

Après Uyuni nous visitons Potosí. Par iOverlander nous trouvons même un endroit à camper, à 16km de la ville: “Ojo del Inca”. C’est un endroit avec des geysers et une piscine thermale.

screenhunter_021

Nous payons 20 bolivianos (3 euros) pour y rester et pouvoir nager.
Nous allons également visiter la mine d’argent “Cerro Rico” dans la ville. Incroyable de voir les conditions dans lesquels ces hommes doivent travailler. Il n’y pas d’attention au niveau de la sécurité, l’air dans cette mine est très mal pour la santé et le boulot est extrèmement lourd! Mais malgré tout, il y a un còté très amusant, selon Lucas. (Voir son texte!)

screenhunter_024

Samedi 21 janvier 2017
Nous laissons Potosí derrière nous et allons à la “cuidad Blanca”, Sucre. C’est 200kms dans les montagnes. Les vues sont époustouflantes et la route asphaltée est impéccable! (Oui, les Belge peuvent apprendre quelques choses de Boliviens!)
Juste à l’heure de midi, nous passons un pont qui tire nos attention. Il nous fait un peu pensé au Tower Bridge à Londres. Mais ici pas de touristes, nous sommes seules à admirer ce batiment pendant que nous mangeons notre lunch. Nous l’indiquons en iOverlander pour nos “collègues-voyageurs”.

screenhunter_018

Vers 14h nous arrivons à Sucre, trouvons vite un hostal à dormir et vont à la découverte dans la ville. La pluspart des bâtiments dates du colonisation et sont toujours bien entretenus.
Le soir nous nous offrons à une soirée Bolivienne dans la maison culturele “Origines”. Nous avons la joie de manger un bon repas en regardant des dances traditionnelles de la Bolivie. Les costumes et le spectacle sont magnifiques. C’est dûr de manger s’il y a tellement à voir, n’est- ce pas Lucas?! 😉

Dimanche 22 janvier 2017
Nous partons de Sucre, direction La Paz. C’est plus que 9h de route, donc nous comptons au moins 2 jours pour faire ce trajet. La route est quand-même super…. jusqu’à Ravelo. A partir de là il n’y a plus d’asphalte… Les 100km qui suivent vont très lentement sur la piste.
Juste avant Macha nous trouvons un endroit pour placer la tente, à une hauteur de 4200m. On a oublié que les nuits sont très froides à cette hauteur. Mais avec plusieurs couches et 2 sacs de couchage nous survivons la nuit facilement.

Maandag 23 janvier 2017
Nous continuons la route vers La Paz. Nous prenons 2 locaux dans la voiture pour les 10km qui mênent à Macha, le village le plus prôche. Le garçon de 13 ans nous raconte qu’il va à l’école à Macha et qu’il doit marcher chaque jour 2,5h pour arriver à l’école, le soir la même chose!!!
La route est facile – de l’autoroute partout. Mais les beaux paysages comme nous avons vu hier, nous manquons aujourd’hui…  Nous arrivons à La Paz vers 17h, mais la route downtown nous prend encore 1,5h! Jan s’adapte vite au style de conduite des Boliviens: la loi du plus fort, du plus vite et plus costeau…

screenhunter_019

Bolivia!

Een nieuw land, altijd spannend! Hoe gaan de mensen zijn, waar kunnen we slapen, boodschappen doen,… Op voorhand hoorden we al heel wat verschillende echo’s van andere reizigers over dit land. Veel positieve, maar toch ook negatieve reacties. Dus we zijn wat op onze hoede. We hamsteren zelfs wat in Chili om toch maar wat voorraad in te slaan voor we Bolivia inrijden.
We steken de grens over in Ollaguë. Een paar dagen eerder probeerden we Bolivia in te rijden vanuit San Pedro de Atacama, maar dat was niet succesvol. Vanuit San Pedro tot de grenspost, stijgt de weg meer dan 2000m boven zeeniveau op enkele 10-tallen kms en dat is erg zwaar voor de auto. Maar vooral, onze lijfjes kunnen dat drukverschil maar moeilijk aan. De kinderen hebben echt veel last, hebben hoofdpijn, zijn futloos en geen eetlust. De grensovergang via Ollaguë is een veel makkelijkere weg om Bolivië in te rijden. De grenspost is ‘slechts’ op 3600m hoog en dat kunnen onze lijfjes beter aan.

Onze eerste kennismaking met Bolivië is niet gemakkelijk. Als we onze tent op een mooie plek willen opzetten, steekt er een onweer op. De hevige wind belet ons de tent recht te krijgen en als het ook nog eens zwaar begint te regenen, bergen we onze kampeerplannen op en gaan in de gietende regen op zoek naar een slaapplaats in Alota, het eerste volgende dorpje van betekenis. De dame van de refugio daar is niet erg vriendelijk, maar een nachtje droog liggen maakt veel goed.

Daags nadien plannen we een deel van de Laguna route te doen, maar de weg is erbarmelijk! Daarenboven zitten we wat “short” in dieselvoorraad en in tijd. Na 3 laguna’s te hebben gezien, besluiten we al terug richting Uyuni te rijden. Dat hadden we beter anders geregeld, maar goed.

Diezelfde namiddag komen we aan in Uyuni centrum waar we op zoek gaan naar een goed hostelleke. Onze eisen zijn niet mals: we zoeken een plaats met een keuken die we mogen gebruiken, een veilige parkeerplaats voor de auto, goeie bedden en sanitair voor een schappelijke prijs. Na een tijdje zoeken, vinden we Hostel Castillo de Liliana. De man aan de receptie geeft in eerste instantie een erg uitgeblust gevoel, maar wordt al snel een hele lieve en behulpzame host. Maar goed ook, want door zouteffecten op onze auto, blijven we hier dubbel zo lang als gepland.

screenhunter_033
Maar ik laat hier verder het woord aan Rianne die een mooi stukje schreef over onze avonturen in Uyuni. (Zie haar blogpost)

Donderdag 19 januari 2017
We laten de grootste (of 2de grootste, want in Botswana zou de grootste zoutvlakte liggen) zoutvlakte ter wereld achter ons liggen en trekken naar Potosí, een mijnstad. We logeren niet in de stad zelf, maar halen onze tent weer boven. We hebben een informele kampplaats gevonden aan de Ojo del Inca, een klein geysergebiedje op 16km van de stad. Er zijn geen voorzieningen (wc, douche), maar wel een thermaal zwembad.

screenhunter_022
Op vrijdag 20 januari gaan we op excursie naar de zilvermijn, Cerro Rico. De ontdekking van de aanwezigheid van zilver viel ten tijde van de Spaanse kolonisatie. De Spanjaarden hebben financieel wel gevaren met deze mijn. Vandaag de dag worden er nog voornamelijk mineralen en zilvererts ontgonnen in beestachtige omstandigheden. De mijnwerkers verzetten loodzwaar werk met materiaal dat totaal niet is aangepast. Met laarzen (geen stalen tip!), lompen kleren aan hun lijf, een helm met een eenzaam lichtje erop, verrichten ze hun werk in de stoffige mijn. Ze stoten karretjes die leeg 400kg en vol meer dan 1 ton wegen op rails die nauwelijks onderhouden zijn, of kappen mineralen met de hand en lopen ’s avonds met een aantal zakken van 30kilo op hun rug door de donkere smalle gangetjes op weg naar buiten.
De mijn wordt nu uitgebaat door een 120-tal coöperatieven en de mijnwerkers werken er doorgaans op zelfstandige basis, wat wil zeggen geen ziekteverzekering, pensioen,… maar ook hun materiaal (dynamiet,…) moeten ze zelf bekostigen.
Om de mijn te mogen bezoeken, worden we zelf uitgedost als echte mijnwerkers, kopen wat cadeau’s voor de echte mijnwerkers (dynamiet, frisdrank, pure alcohol, cocablaren en sigaretten) en gaan de mijn in. Het is best spannend want je loopt op het spoor waar de karretjes met ertsen over worden vervoerd. Als er een karretje afkomt, moet je snel een plaatsje naast het spoor vinden waar je kan schuilen tot de zware vracht voorbijraast. Impressionant.
We kruipen ook door smalle doorgangetjes en worden regelmatig overvallen door de hoeveelheid stof die hier in de lucht hangt. Dat de levensverwachting van deze mijnwerkers maar rond de 45 à 50 jaar ligt, is niet te verbazen.
De mijnwerkers kennen het systeem van de toeristen met hun cadeau’s goed. Zodra ze ons zien vragen ze ernaar, wat ons opvalt is dat ze voornamelijk frisdrank vragen, terwijl de gidsen ons eerder het idee gaven dat de alcohol (98%), dynamiet en sigaretten meer in trek zouden zijn.

screenhunter_023

Na het mijnbezoek begeven we ons terug naar onze tent waar we nog één nachtje slapen, voor we onze tent terug inpakken.

Zaterdag 21 januari 2017
Vandaag staat Sucre op het programma. De weg is uitsluitend asfalt. Makkie! Onderweg passeren we een mooie brug, die wat aan de Tower Bridge in Londen doet denken. Alleen, hier is geen toerist te bespeuren. De perfecte plek om te picknicken en zelfs om te overnachten. Voor ons is het alleen wat vroeg op de dag om onze tent op te slaan, maar op de iOverlander app duiden we deze spot aan als hint voor “collega-overlanders”.

screenhunter_017
Het is maar een kleine 200km van Potosí naar Sucre, dus kort na de middag komen we aan op onze bestemming. We vinden snel een tof hostel (Hostel Kultur Berlin) en trekken dan de stad in. We verkennen de Mercado Central, het hoofdplein, de mooie witte en
goed onderhouden koloniale gebouwen,…
’s Avonds trakteren we onszelf op een lekker toeristische activiteit: we gaan eten in het “culturele centrum” ORIGINES, waar je een spektakel van traditionele Boliviaanse dansen kan volgen. Het is een echte aanrader. De show is top, de kostuums fascinerend en het is moeilijk om je op je maaltijd te concentreren, hé Lucas?! 🙂 Na de voorstelling lopen de dansers de zaal in en komen voor de laatste dans een danspartner zoeken. In no time zijn onze 3 kinderen van tafel geplukt en staan ze mee op het podium te shaken. We hadden echt een superleuke avond.

Zondag 22 januari 2017
Na een verkwikkend ontbijt, stappen we weer onze bolide in (die het momenteel erg goed doet. Wij blij!) en gaan op pad richting La Paz. De weg vanuit Sucre rijdt perfect. Net op het moment dat we tegen elkaar stoefen over de goeie Boliviaanse wegen (en dat de Belgen er nog iets van kunnen leren!), is het gedaan met asfalt.

screenhunter_029

Vanuit Ravelo rijden we piste voor een goeie 100km tot in Macha. Net voor Macha slaan we onze tent op op een redelijk vlak terrein en op een hoogte van 4200m. We waren even vergeten dat het ’s nachts erg koud kan worden op deze hoogte. Met thermisch ondergoed, dubbele slaapzakken en heel “den annekesnest” overleven we de nacht best goed. Een goede voorbereiding is alles…. 😉
Er komt nog een oude Boliviaanse man langs, hij is niet groter als Rianne! Hij spreekt enkel quechua, toch maken we een ‘praatje’ en op zijn verzoek laten we de binnenkant van de tent zien.

screenhunter_028

Maandag 23 januari 2017
We zetten onze weg naar La Paz voort, maar zoeken wel bewust de asfaltbanen op. Vanop onze kampplaats tot Macha nemen we nog 2 locals mee die langs de hoofdbaan insisteren voor een lift naar het dorp een 10-tal km verder. De jongen van 13 vertelt dat hij in Macha naar school gaat en hij 2,5u moet stappen van zijn huis tot aan
school, enkel! Elke dag opnieuw.
De weg gaat vlot, inderdaad allemaal ‘autostrade’ en dus asfalt. Maar de prachtige vergezichten die we tijdens onze rit gisteren ervaarden, blijven vandaag grotendeels achterwege. We komen aan in La Paz rond 17h, maar het duurt nog een uur en half eer we downtown aan ons hostel geraken. Jan past zich snel aan aan de boliviaanse rijstijl: kwestie van de rapste, de sterkste en meeste durfal te zijn… We lachen wat af!

Advertenties

4 reacties op ‘Bolivia: Uyuni, Potosí & Sucre

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s