Dank, merci, thanks!

Sébastien voor de assistentie bij het opmaken van de blog.

Simon, mijn broer, voor het delen van zijn reisverhalen op voorhand.

Papa Ward voor de Basecamp-lessen.

Simon Wuestenberg voor het delen van zijn Bolivia-kennis.

Bea & Bert voor het bewonen en onderhouden van ons huis en zorgen voor onze lieve poesjes, Pluche en Lucy.

Tom voor zijn online mechaniekers assistentie.

Luis voor het gebruik van zijn garage/ Luis for the usage of his garage and the cargo space in the truck to sleep.

Pieter voor de introductie tot het Kindle gebeuren, de tips ivm reizen door ZA en het uitlenen van de reisgidsen.

Oma Chantal, Opa Ward, onze (schoon)broers, (schoon)zussen, neefjes en nichtjes voor hun support allerhanden.

La directrice et les enseignents de l’école de la Bruyère pour leur soutien et de nous avoir préparer les manuels 📚.

Maersk & KULeuven om ons de mogelijkheid te geven on 6 maanden vrij te kunnen nemen en onze job te kunnen blijven behouden.

Maersk and KULeuven allowing us to take time off and holding on our jobs.

Les amis “Beauvechinois” pour les attentions prévu à notre retour.

Al onze familie, vrienden, collega’s, kennissen, sympathisanten,… voor hun aanmoedigingen, de fijne berichtjes, de steun, hun vriendschap,…

En ook onze ‘nieuwe’ reisvrienden die we de voorbije 6 maanden op de zotste plaatsen tegenkwamen voor de gezellige ontmoetingen, het uitwisselen van tips, de fijne babbels en onze reis dat extra sociale aspect te geven. Die verbondenheid tussen reizigers was voor ons één van de highlights van onze trip.

And last, but not least! Nina en Opa voor de post, de admin, de financiën, de chauffeurdiensten van en naar de luchthaven, de persoonlijke courierdienst naar Z-Amerika, de opvolging van nog aanslepende verbouwingsperikelen thuis, hun support van begin tot einde van onze impulsieve project en zoveel zoveel meer!

Dank u, het was het meer dan waard!!

ScreenHunter_009

The end… (Colombia part 2)

 

14 maart – 29 maart 2017

Op dinsdag 14 maart rijden we Medellín binnen als het al donker is. Rianne is aan de navigatie en leidt ons perfect naar Hostel Florentina. We hebben geen eten, maar de kinderen hebben uitgezocht dat er een Burger King in de buurt is. Die ‘in de buurt’ bleek een relatief begrip, maar de fast food gaat goed binnen.

Daags nadien verkennen we de stad, maar zijn niet van onze sokken geblazen, in tegendeel. We maken zelfs plannen om diezelfde namiddag de stad terug uit te rijden en het groen terug op te zoeken. Alleen nog even wachten tot onze auto een schoonheidsbeurt heeft gekregen in de carwash. Terwijl we daarop wachten, lopen we een willekeurige garage binnen omdat de jongens er een “sjieke auto” hebben gezien. Het blijkt een opkoper en invoerder van auto’s te zijn en we gaan aan de babbel met de man. We vertellen ons reisverhaal en hij geeft aan interesse te hebben in de aankoop van onze auto. Tien minuten later rijden we met onze blinkende bak zijn garage in. Zijn oogjes blinken nog harder, zijn hartje wordt week, dat wordt redelijk makkelijk business doen… 😉 We hebben zelfs vrij snel een akkoord over de prijs. Hij moet echter heel wat opzoekingswerk doen ivm de invoerrechten etc dus spreken we af dat we nog wat langer in de stad blijven. ’s Avonds om 19u krijgen we te horen dat hij de zaken niet op orde krijgt en de deal dus niet kan doorgaan. Niet getreurd, ’s anderendaags om 6u s ochtends rijden we de stad al uit verder noord.

We hebben nog 2 dagen om in Cartagena te geraken, waar we een afspraak hebben met de shipping agent op vrijdag 17 maart voor het papierwerk ivm de verscheping van onze auto.

Cartagena 2

Op donderdagmiddag komen we toe, parkeren ons vlakbij het historische centrum en eten een hapje in een duuuuuuure bistro. Daarna gaan we op zoek naar een hotel in de buurt van het kantoor van de shipping agent. Dat blijkt een goeie zet. De hotels in Manga (de plezierhaven wijk van de stad) zijn een stuk goedkoper dan die in het historische centrum. Daarenboven is de wijk aangenaam en rustig. Ons sympathieke hotelletje heeft een mooi zwembad, een buitenkeuken en grote ruime kamers. We boeken gelijk een paar nachten bij voor volgende week.

P1050443

Na onze afspraak bij de shipping agent profiteren we van de 5 laatste dagen dat we de auto bij ons hebben om naar Tayrona National Park te rijden. Dit zijn de Caraïben op en top. De caraïbische sfeer viel me al op toen we Cartagena binnen reden, maar hier is het vooral de natuur die het hem doet. Witte stranden, palmbomen, blauwe lucht, (te) hoge temperaturen, joviale sfeer en…. veeeeel toerisme.

palmbomen

We maken eerst een tussenstop in Minca, een toeristisch oord in de bergen met mooi zicht over de stad Santa Marta en de zee. We overnachten in een zielloze camping dus pakken daags nadien terug in. We gaan op zoek naar de waterval in de buurt, maar missen blijkbaar een afslag. De weg zit vol putten, maar we zien tientallen brommertjes met toeristen achterop (en hun grote rugzak op het stuur, tussen de armen van de driver) de berg op snorren. Dan moet daar toch iets te doen zijn?

Bij het bordje van Casa Elemento is ons duidelijk waar deze brommertjes naartoe rijden. Casa Elemento is een typisch backpackers hostel waar je lekker chill je dagen kan doorbrengen in de reuzegrote hangmat met zicht over de vallei, een zwemmetje kan plaatsen, iets kan drinken in de buitenbar en… superlekker en goedkoop kan eten. Het is een aantrekkelijke plaats dus wagen we onze kans. Helaas is er zonder reservatie geen kans dat je hier kan slapen, maar we mogen er wel de dag doorbrengen. We vallen wat uit de toon bij het andere publiek, maar dat kan ons niet deren. We genieten van deze bijzondere plek.

In de namiddag vertrekken we weer naar de kust, naar Tayrona National Parc.

Als we er toekomen om 17u08 hebben we 3 keer pech. Het park sluit om 17u stipt, dus we kunnen onze tent niet meer gaan opstellen in één van de campings in het park. Een Nederlands meisje hoort ons Vlaams spreken en we raken in gesprek. Ze vertelt dat ze in een erg fijn hostel logeert en dus wagen we onze kans daar om onze tent te installeren. We nemen het meisje en haar 2 vrienden mee in de auto tot aan het hostel. Daar wacht ons een verrassing. De Britse eigenaars accepteren geen kinderen in het hostel (“the bar is very important in our hostel. It’s Saturday night and we will all get very drunk, so this is not a good place for children”) Bummer!

Als we toekomen in een mooie camping op enkele kilometers van de ingang van het park, is het donker… erg handig voor het opzetten van onze tipi. Gelukkig zijn we al zo gedreven in het vak, dat dat uiteraard zonder problemen lukt.

Tayrona (1)

We lezen dat je in Cabo San Juan de Guia in het park kan logeren in hangmatten. Deze plaats is enkel te voet te bereiken dus pakken we ons gerief voor 1 nacht in de rugzak en wandelen de volgende dag iets meer dan 2 uur. De omgeving is super mooi. Hier ontmoet de jungle de caraïbische zee. De zee is er op veel plaatsen ruw en dus is het verboden er te zwemmen. Er zijn wel enkele stranden waar zwemmen en snorkelen wel is toegestaan.

Bij aankomst in San Juan zijn we echt gedegouteerd van de plaats. Het kan er dan wel mooi zijn, de plaats is totaal mismeesterd door het toerisme. De shelter met hangmatten doet denken aan een kippenhok en de ontelbare tentjes die er zij aan zij staan opgesteld geven ons het gevoel in een vluchtelingenkamp te zijn beland.

Gelukkig zien de kinderen ook in dat dit niet onze beoogde slaapplaats is, dus keren we op ons passen terug, letterlijk en figuurlijk dan. Op “la piscina”, één van de “zwembare”stranden, houden we halt en zwemmen/snorkelen de rest van de namiddag. Die nacht slapen we dan toch weer in onze tent op een mooie camping in het park.

Daags nadien gaan we weer genieten van het strandleven en hebben we voor die nacht een hangmattenslaapplaats gevonden in een camping aan de zee waar we enkel met ons 5 in alle rust kunnen slapen. Check the box!

Hangmatten (4)

Op maandag 20 maart rijden we terug naar Catagena en stoppen onderweg aan de Totumo-vulkaan. Dit is geen klassieke vulkaan, maar een krater met modder. We heisen ons in ons badpak en gaan het modderbad in. Het is een hele vreemde ervaring. De put is 3000m diep, maar je hebt geen hulp nodig om hier gewoon te blijven staan/drijven in de massa owv de densiteit. Nadien worden we “gewassen” in de nabijgelegen laguna, stappen terug de auto in voor de allerlaatste kilometers en wassen ons die avond terug in de douche van “ons” hotel (hotel Puerto de Manga) in Cartagena. De auto krijgt ook nog eens een goede schrobbeurt zodat ie proper in de container kan.

 

De dagen die daarop volgen brengen we door met zwemmen, stad bezoeken en onze auto klaar te maken voor de grote overtocht. Dat wordt een grote denkoefening, omdat we nadien nog een week in Colombia blijven én de auto pas 2 weken na ons in Antwerpen zal toekomen, maar toch willen we met zo weinig mogelijk bagage verder reizen.

Cartagena is een hele mooie, aangename stad. Het historische centrum is prachtig met de kleurrijke huizen met bloemrijke balkons. Het is er erg warm, maar een constante bries maakt de temperaturen aangenaam. De wijk Bocagrande, waar de grote hotelketens zijn gesitueerd omdat je er kan gaan zwemmen in de zee en bakken aan het strand, vonden we absoluut maar niets. Geef ons dan maar de stadswijk Manga waar het rustige residentiële leven en de plezierhaven de ideale uitvalsbasis maakt voor deze stad, althans in onze ogen.

P1050449

Op zaterdag 25 maart zitten we al vroeg in het vliegtuig voor onze aller-, allerlaatste bestemming: Bogotà. Hier kijken we erg naar uit, en dat heeft alles te maken met Juliana. Juliana is een Colombiaanse meid die in 2000 op uitwisseling kwam naar België. Ze heeft toen een aantal maanden bij ons thuis gewoond en sedertdien bleven we geregeld in contact. Juliana kwam al een paar keer terug op bezoek bij ons in België en nu is het onze beurt om haar te bezoeken in haar thuisstad.

Juliana heeft hier 2 jaar geleden een cultuurhuis uit de grond gestampt (www.casakilele.com) en is nu hard aan het timmeren om het rendabel te maken/houden (waar ze schijnbaar goed in slaagt!). Ze heeft er ook een aantal gastenkamers die wij mogen gebruiken tijdens onze tijd bij haar. De sfeer in huis is warm en gezellig en de kinderen vinden al meteen aansluiting bij de workshop keramiek en krijgen een gitaarles van Hencho. We doen als gezin ook mee aan een workshop Mexicaans Koken.

Op zondag zijn er geen activiteiten en worden we op sleeptouw genomen in de stad. Juliana, Augusto (haar vriend), Hencho (haar broer) en Luisa (diens vriendin) en hun vele vrienden geven ons een mooie en warme (ondanks de koude temperaturen) tijd in Bogotà. Met dikke knuffels en de belofte elkaar zeker terug te zien nemen we afscheid.

Zo, onze trip zit er op. Het was een geweldige, onvergetelijke ervaring waar we enorm van genoten hebben. Geen seconde spijt gehad van onze beslissing. De kinderen zijn duidelijk gegroeid in hun sociale en communicatieve skills en hebben hun ogen voor de wereld geopend. Benieuwd waar dat hen/ons nog zal brengen in de toekomst.

Dank voor jullie steun en voor het volgen van onze blog.

En vergeet niet : if you can dream it, you can do it!

 

14 mars – 29 mars 2017

Le mardi 14 mars au soir, nous entrons la ville de Medellin. Rianne est à la navigation et nous emmène parfaitement à Hostel Florentina. Nous n’avons pas de nourriture pour ce soir, mais les enfants ont trouvé la solution : il y a un Burger King ‘ dans le coin’ (un terme relatif, mais bon…)

Le lendemain nous allons à la découverte de la ville, mais sommes un peu déçu. Nous avons envie de continuer la route et donc décidons d’aller chercher la voiture au parking/carwash où il reçoit un petit nettoyage. En attendant que la voiture soit prête, nous entrons par hasard un garage avec plein de beaux voitures. Il semble aussi d’importer des bolides toute neuve ou des voitures ‘spéciales’. Quand on fait un petit parole avec le mec du garage, nous racontons de notre voyage avec le Def et il est intéressé de voir la voiture. Dix minutes après, nous arrivons avec notre beauty toute belle et brillante. Les yeux du monsieur brillent encore plus ! Facile à faire un deal avec lui… et on effet, on se trouve assez vite d’accord sur le prix de vente. Il faut juste trouver les bon moyens d’importer la voiture. Avec cette nouvelle qu’on puisse vendre la voiture ici (un Def vaut beaucoup plus ici qu’en Europe) nous changeons nos plans de la journée et restent encore une nuit. Mais… à 19h le soir, l’homme nous recontacte avec la nouvelle que c’est pratiquement impossible d’importer la voiture et qu’il ne pourra pas poursuivre l’affaire…

Apres 1,5 jours de route, nous arrivons dans une ville toute à fait différente de Medellin. Cartagena est une ville caraïbe et ça se sent directement. Pas seulement aux températures, mais aussi au atmosphère. Le vendredi 19 mars nous avons rendez-vous avec le ‘shipping agent’ pour signer les papiers concernant le transfert du Def.

Cartagena (1)

Nous avons encore 5 jours avant d’entrer la voiture dans le port. Nous en profitons d’aller explorer la cote caraïbe et ces environs.

Premier arrêt est Minca. Minca est connu pour ‘bird watching’, le café et les belles vues sur la côte et la ville de Santa Marta. Nous passons la nuit dans un camping qui nous plaît pas tellement, donc nous allons à la recherche d’un autre endroit. En route pour une cascade (qu’on ne trouve pas), nous voyons pleins de motards avec des touristes. Quand nous passons devant ‘Casa Elemento’, nous comprenons où ils vont tous… Casa Elemento est un hostel typique pour les touristes style ‘backpacker’. La panorama est splendide, les hamacs géants sont toujours bien occupés à papoter ou à se reposer entre les jeunes. Il y a un jeu d’échec, une piscine, une cabane dans un arbre,… Malheureusement il n’y a pas de place pour dormir pour nous, mais nous pouvons y rester pendant la journée. Avec notre famille, nous ne correspondons pas du tout avec les autres touristes, mais on s’en fou et profite.

Le soir, nous avons 3 fois de malchance. En arrivant dans le parc de Tayrona, nous voulons entrer le parc pour y rester dans un camping. Nous y arrivons à 17h08 et le parc se ferme à 17h. Grrrrr ! Mais nous y rencontrons une fille hollandaise qui nous emmène a ‘son’ hostel un peu plus loin. Mais à notre arrivée, le propriétaire Anglais nous refuse… Des enfants ne sont pas autorisés ici… (“the bar is very important in our hostel. It’s Saturday night and we will all get very drunk, so this is not a good place for children”)
Alors, le temps que nous arrivons au camping Los Angeles, tout près du parc, nous devons installer la tente dans le noir. Mais bon, nous sommes tellement routiné que ça ne pose plus de problème, bien sûr. L’endroit est super : nous dormons cette nuit-là en dessous des palmiers sur la plage sable blanc.

Camping los Angeles

Le lendemain nous prenons nos affaires et faisons une randonnée dans le parc national. L’idée est de se promener jusqu’à la plage de Cabo San Juan et d’y passer la nuit dans un hamac. La randonnée est belle et nous passons plusieurs plages à nager (la plupart des plages ici sont trop dangereux pour aller se baigner).  Mais Cabo San Juan est surcharge ! Les tentes sont places l’une à cote de l’autre et ressemblent à ‘un camp des réfugiés’. La cabane avec les hamacs ne nous attire pas du tout et donc nous décidons vite de faire demi-tour. Nous nous arrêtons pour faire un petit snorkling et nous nageons dans la mer de Caraïbes à la plage « la Piscina ». Ce soir-là, nous dormons de nouveau dans la tente. Le lendemain nous passons encore une journée à la plage et trouvons un autre endroit, beaucoup plus calme mais tellement beau, pour notre nuit à la belle étoile, dans un hamac. C’est super !!

Apres notre séjour à Tayrona, nous retournons vers Cartagena. En route, nous nous arrêtons pour un petit bain de boue au Volcan Totumo. C’est une expérience bien spéciale vue que le trou du volcan est de plus de 3000m de profondeur, mais nous flottons sans support simplement à la surface…

modderbad (1)

Ce soir-là nous arrivons de nouveau dans notre hôtel préféré à Cartagena, Hotel Puerto de Manga. Manga est un quartier très beau à cote de la marina et bien calme, notre quartier préféré dans la ville. Nous nous y préparons par transférer la voiture et faisons un grand rangement et arrangement des bagages. Le jeudi 23 mars, Jan se dirige avec la voiture dans le port pour déposer la voiture dans le container. Un douanier fait sortir tous nos affaires et fait une vérification approfondie. C’est sûr maintenant, nous ne pouvons pas être accuser de la contrebande de drogues en arrivant à Anvers…

Les jours qui suivent nous passons encore dans la ville de Cartagena, la ville historique est magnifique avec des beaux plaza’s, des maisons colorées et enfleuries et une atmosphère bien relax. Bocagrande, le quartier avec les plages et les grands chaines d’hôtels, nous plait pas du tout. Au lieu de prendre un taxi à notre hôtel, nous négocions un prix avec un homme qui vient de déposer des touristes à leur hôtel après avoir fait une excursion. Il nous emmène a l’autre cote du port par bateau… Qué chevere !

ScreenHunter_001

Le samedi 25 mars nous prenons l’avion direction Bogota. A Bogota nous allons visiter Juliana. Juliana est ‘ma sœur colombienne’. Il  y a 17 ans, elle faisait une échange YFU en Belgique et elle habitait dans notre maison. Maintenant elle a ouvert une maison culturelle, Casa Kilele, à Bogota. www.casakilele.com
Nous pouvons y rester et participer aux ateliers qui sont organisés pendant notre séjour. Nous faisons un atelier de céramique, de cuisiner (un repas mexicain) et les enfants suivent un cours de guitare avec Hencho (le frère de Juliana). Mais nous préparons aussi des sandwich style Belge pour les participants des ateliers et vendent les pour sponsorisé Juliana et son projet.
Le dimanche, Juliana et Augusto (son copain) sont libres et nous font visiter leur ville. Nous passons vraiment des jours chaleureux à Casa Kilele. Muchas Gracias Juliana, Augusto, Hencho y Luisa (petite copine de Hencho)!

Et voilà, cette après-midi nous prenons l’avion pour la Belgique (sauf que Jan, qui part tout de suite travailler sur son bateau, le pauvre).

Nous avons passé un temps inoubliable dans ce continent. Nous avons beaucoup vécu et appris. Les enfants surtout ont amélioré surtout leurs compétences de communications (en apprenant les bases de l’espagnol et l’anglais, mais aussi par communiquer avec des jeunes et des adultes de partout dans le monde). Nous avons encore ouvert plus nos yeux sur le monde. Curieux comment ça se continuera dans le future…

Merci de nous avoir suivi et supporter. Tout contents de vous revoir très bientôt !

Et n’oublie pas : if you can dream it, you can do it !

 

Last but not least: Colombia! (part 1)

4 tot 13 maart 2017

We rijden Colombia binnen via de grensovergang nabij de stad Ipiales. De douanebeambte die onze auto inschrijft is ‘a nice bloke’, hij geeft ons al meteen een warm gevoel over het Colombiaanse volk. Hij is erg sympathiek en leert ons al de voornaamste uitdrukking van het land ‘Que Chevere’ (zoveel als onze ‘kei leuk’). Hij laat ons ook weten dat nabij de grenspost de kerk van Las Lajas ligt, Unesco werelderfgoed. Het blijkt een bedevaartsoord opgezet in een vallei nadat ook hier de Heilige Maria verschenen zou zijn. De Zuid-Amerikaanse Lourdes, dus. Net zoals in Lourdes wordt de plek erg toeristisch uitgebaat, met verklede lama’s als fotomateriaal en cavia’s aan ‘t spit als perfecte lunchvoer… We worden aangesproken door een familie die in Pasto woont. We doen een hele babbel en zij raden ons aan om naar Laguna de Cocha te gaan, een groot meer nabij hun stad. Ook dat stond niet op ons initieel programma, maar we laten ons graag leiden door de tips van de locals.

IOverlander brengt ons naar een zeer bijzondere plek: bij Jorge. Jorge is een Colombiaan, oorspronkelijk van Medellín, heeft jaren in Duitsland gewoond, heeft ook al best wat van de wereld doorkruist met zijn moto en heeft zich nu – samen me zijn 2 honden – teruggetrokken in een schitterend huis met prachtige tuin dat het meer overschouwt. We worden er heel hartelijk ontvangen en volgens het principe ‘mi casa es su casa’ verblijven we 2 nachten bij hem. Hij heeft zijn kost voorheen verdiend als ingenieur en geniet nu op deze plek van de rust, de kalmte, de natuur en van wat de dag hem brengt. ’s Morgens verleidt hij de kinderen met zijn heerlijke ‘pancake-breakfast’, ’s avonds schuift hij met ons mee aan tafel. Overdag trakteert hij ons met een uitstap op het meer in zijn bootje en we varen naar een ongerept natuurgebied waar hij ons na een wandeling van 2 uur hectaaaaaren aan jungle laat bewonderen waar nog nooit een mens voet heeft gezet (afin, zo beweert hij ;-)). Hij vertelt gepassioneerd over zijn leven hier en de natuur die hem nog elke dag raakt. We hebben een heel gezellige tijd met hem en hij heeft zichtbaar ook genoten van onze passage bij hem. Als we terug onze Def instappen en de rest van zijn mooie land willen gaan ontdekken, neemt hij in tranen afscheid van ons allemaal.

Onze volgende bestemming is San Agustín, slechts een 300-tal kilometer van bij Jorge, maar we rijden er wel een hele dag over. De reden is de vreselijke weg tussen Pasto en Mocoa. Je kan dit gerust de ‘camino de la muerte’ (dodenweg) noemen van Colombia. De weg gaat doorheen berg en dal, in erg mistige omstandigheden, stenen en putten die de weg niet vergemakkelijken en daarenboven is dit de enige weg die Pasto en Mocoa verbindt met als gevolg dat we hier veel camions, bussen, moto’tjes en andere auto’s moeten kruisen op de smalle weg met diepe afgronden naast ons. Het is geconcentreerd rijden, maar uiteraard komen we er heelhuids door…

Het is al laat als we in Casa de Nelly toekomen. Dit is het hostel dat we gekozen hebben owv de lovende commentaren van medereizigers die hier voor ons kwamen. Even leek het dat er geen plaats meer voor ons was, maar hebben geluk want er is nog een laatste cabaña achterin de mooie grote tuin van het hostel. De sfeer in dit hostel is grandioos, de scenery evenzeer en het originele schaakbord wordt de favoriete plaats van de kinderen.

We gaan hier op bezoek in het Nationaal Park waar – beetje naar analogie van de Paaseilanden – stenen beeldhouwwerken zijn gevonden, maar waar wetenschappers het raden hebben naar de functie van deze beelden.  Onze terugkeer naar het hostel doen we… te paard!

Via de Desierto de Tatacoa rijden we in 2 dagen naar Medellín. In de woestijn is het broeierig warm, maar… niet droog. Net op het moment dat we onze tent willen opzetten start een gigantische drashbui met als gevolg dat het zoeken wordt om onze tent op te zetten in een niet al te modderige stuk. Het is hier veeeeel te warm naar onze goesting, dus houden het er na 1 nacht al voor bekeken.

Maar onderweg naar Salento,  in Chicoral, moeten we plots op de kant gaan staan vermits we een raar geluid horen aan de auto. Jan krikt het rechtervoorwiel naar omhoog en constateert dat de remschijf los zit: een bout gevallen/losgetrild?!  Op zich geen onoverkomelijk probleem, maar zo’n bout hebben we momenteel niet in spare. Dus misbruiken we de nieuwsgierige Colombianen die zich met hun brommertjes rondom ons verzamelen om te staren. Jan mag mee achterop bij Nelson om de plaatselijke ‘ferreteria’s’ af te gaan. Niemand kan ons helpen, tot er plots een man opduikt die Jan meeneemt naar zijn atelier en er een bout uit tovert die ons wel eens zou kunnen helpen. Na wat aanpassingswerk doet de bout perfect wat hij moet doen: de remschijf weer mooi vast op zijn plaats houden. Nelson nodigt ons uit op zijn finca. We hebben geen idee wat te verwachten, maar als we 10 minuten later zijn domein oprijden, blijkt het een gigantische mangoboerderij te zijn. Er staan kolossen van bomen en Jan kruipt op aandringen van Nelson de boom in om de dikste mango’s eruit te plukken. We eten er heeeeerlijk verse mango’s, die nog niet helemaal rijp zijn maar die hier blijkbaar gedegousteerd worden met zout…

ScreenHunter_027

In Salento mogen we onze tent opzetten in Hostel La Serrana, net buiten het dorp. Het is duidelijk een IOverlander-spot want er staan ook heel wat campers. Zo ontmoeten we Jan en Margriet, een Nederlands koppel die sinds hun pensioen al aardig wat tijd in de wereld hebben doorgebracht. Ze hebben een mooie website met een prachtige verklaring voor de term “overlanden’. www.deeindervoorbij.nl

Salento is bekend als koffiestreek en voor de prachtige wandelingen die je er kan maken, meestal te paard. We laten ons dus verleiden door een dagactiviteit waarbij we beiden kunnen combineren. We rijden te paard naar een koffie finca, krijgen er een rondleiding en gaan nadien door naar de waterval van Santa Clara. Het zou er fijn zwemmen zijn aan die waterval, maar helaas valt het weer erg tegen. Tijdens de terugtocht te paard, begint het te regenen. Gelukkig heeft Omar, onze paardenchaperon, poncho’s voor ons meegebracht, maar desalniettemin zijn we nat tot op onze onderbroek als we terug aankomen aan de tent…

Op zondag 12 maart wordt het een hoogdag voor de kinderen! In Colombia is er een groot themapark gebouwd rond koffie, maar naast een koffietour en koffiemuseum, zijn er ook tientallen attracties. De koffietour laten we links liggen, we weten tenslotte sinds gisteren al hoe koffie gemaakt wordt . Al onze aandacht gaat naar de al dan niet bloedstollende attracties. Lucas is eerst niet zo happig om de rollercoaster in te gaan, maar laat zich telkens overtuigen, zelfs bij  ‘de Krater. Dit is echt wel 1 van de engste attracties ooit gedaan (zie foto). Tegen het einde van de dag had hij er zodanig plezier in dat we meermaals achter elkaar de attracties ingaan. Want desondanks dat het zondag is, is er niet erg veel volk in het park.

Voor we Salento verlaten, gaan we nog naar de Valle de Cocora. De metershoge palmbomen die in deze vallei verspreid staan geven een uniek beeld aan deze vallei. We doen een toffe wandeling en schieten tientallen foto’s van deze prachtige en bijzondere plaats. Que chevere!

 

Du 4 au 13 mars 2017

ScreenHunter_031

Las Lagas: Lourdes in Zuid Amerika

Nous embarquons en Colombie juste avant que l’office des douaniers se ferme. Mais le douanier qui s’occupe des papiers de notre voiture est très relax. Nous faisons un parole avec lui, il nous apprend déjà le mot le plus ‘important’ du Colombie : « que chévere ! » (= vachement chouette) et il nous conseille d’aller voir l’église de Las Lajas. Las Lajas est un lieu de pèlerinage comme Lourdes en France. Le bâtiment a été construit dans une vallée et l’église est en effet très beau.

Nous y rencontrons des gens de Pasto, une ville a 1,5h d’ici, qui nous conseillent encore un endroit dans leur région : el laguna de Cocha. Toujours contente avec les conseils des locaux, nous y dirigeons le même jour. Nous arrivons à la maison de Jorge. Jorge est un homme spécial, mais très généreux, sympa et relax. Du principe « mi casa es su casa » nous y vivons pendant 2 jours. Jorge nous fait des pétit-déjeuners délicieux bien apprécié par les enfants (des crêpes !!) et le soir il nous joint pendant le souper. Pendant la journée, il nous invite pour un tour en bateau pour aller voir son endroit préféré du coin. Il nous emmène à l’autre côté du lac et après une randonnée d’à peu près 2 heures, nous pouvons voir des hectares et des hectares de jungle ou personne n’a jamais mis un pied (selon lui). Que chévere !
Nous y profitons de sa maison confortable, la vue sur le lac et les fleurs magnifiques dans son jardin, et lui… il profite clairement de notre présence. Le jour que nous continuons la route, il est ému de nous voir partir. Pour nous, notre passage ici est sûrement un des ‘highlights’ de notre voyage.

D’ici à San Agustín, notre prochain arrêt, est de 250 km, mais nous y prenons plus que 6 heures ! La route entre Pasto et Mocoa passe à travers d’une chaîne de montagnes, donc beaucoup de virages. La route est en très mauvais état, il y a beaucoup de traffic (aussi des gros camions) et plein de brouillard. On dirait le « camino de la muerte » de Colombie.

A San Agustín, nous avons de la chance, à notre arrivée dans l’hostel il y reste juste un dernier petit cabaña juste assez grand pour notre petite famille. La Casa de Nelly est un hostel super agréable. L’atmosphère est top, l’environnement est magnifique et les enfants retrouvent la joie d’un jeu d’échec.

Nous allons visiter la Parque National de San Agustín, où ils se trouvent plein de statues en pierre des anciens temps. Ca ressemble un peu à l’île de Pâques (apparemment). Ici aussi l’origine et le but de ces statues est inconnus. Le parc est beau, mais nous ne sommes pas vraiment époustouflés de cet endroit.

Apres 2 jours chez « Nelly » la route nous emmène dans le désert : Disierto de Tatacoa. Il fait chaud, très chaud dans le désert, mais pas sec… Juste au moment que nous voulons installer la tente, il commence à drasher ! Tellement fort qu’après nous devons vraiment chercher un endroit sans boue pour monter la tente. Le désert est splendide, mais il fait trop chaud, donc après une nuit et une matinée, nous quittons déjà Tatacoa.

Salento est notre stop suivant. En route, dans le village Chicoral, nous entendons un bruit bizarre au roue de devant droite. Jan monte la voiture et découvre que le disque de freins a lâché. Woooops. Pas trop difficile à réparer si on aurait le bon boulon. On fait avantage des villageois curieux qui se rassemblent au tour de la voiture et Jan est pris par Nelson en moto pour aller chercher le bon boulon au “ferreteria” du village. Le boulon n’est pas disponible mais heureusement un autre monsieur arrive avec un boulon de rechange qui doit être un peu adapté avant qu’il peut être installer. Il fait son boulot, les freins sont reparé et nous voulons continuer la route. Mais Nelson insiste que nous passons d’abord à sa “finca”. Sa ferme est une ferme des mangues! Il y a des 100aine des arbres énormes et Jan grimpe dans un abre pour aller cueillir des fruits. Nous mangeons des mangues frais avec Nelson et sa femme avant de reprendre la route.

A Salento nous dormons dans hostel La Serrana. Nous ne sommes pas les seules qui ont lu les commentaires positives de cet endroit. On y fait connaissance avec plusieurs d’autres Overlanders, dont par exemple Jan et Margriet. Ce couple hollandais voyage déjà depuis 2013 dans un Toyota Land Cruiser. (www.deeindervoorbij.nl)
Pendant notre temps à Salento, nous faisons une excursion d’une journée en cheval. Pendant la matinée nous nous arrêtons à une finca de café où nous sommes expliqués comment on fait du café, du fruit au boisson. L’après-midi, nous passons a une cascade pour aller nager. Malheureusement, le temps ne nous permet pas de se baigner. A notre retour, il commence même à pleuvoir et nous sommes bien mouillés en arrivant dans l’hostel.

Le lendemain est un grand jour. Nous allons au Parque del Café ! Ce parc de thème  explique également le procédé du café, mais ça…on connait déjà. Nous sommes là parce que c’est une parc d’attraction! Au début, Lucas est un peu restreint pour monter les montagnes russes, mais il se fait convaincre chaque fois par son frère et sa sœur et trouve peu à peu le plaisir. Surtout après avoir faire ‘Le Krater’ (voir photo dans le texte NL, un montagne russe assez effrayant), il a confiance en lui et depuis il prend tous les montagnes russes et autres attractions de haute impacte avec (plus de) plaisir (qu’avant). Même si c’est un dimanche, il n’y a pas beaucoup de gens dans le parc et donc nous pouvons y profiter de faire et refaire tous les attractions qu’on aime.

Avant de quitter Salento, nous faisons un stop au ‘Valle de Cocora’. Ceci est le must-do de Salento. On fait un beau promenade entre les palmiers spéciaux et faisons plein de photos parce qu’on aime tellement le paysage. Que Chévere !

 

Ecuador – part 2

27 februari – 4 maart 2017

Sedert onze vorige post verbleven we weer op heel wat interessante plaatsen.

Na een nachtje in Cuenca, dat die dag en avond minder levendig was dan beloofd in de reisgidsen (naweeën van het carnavalweekend), komen we in 
camping Paraíso terecht, een beetje verder dan Thermaal Badenparadijs Baños.
In deze prachtige camping worden we meteen enthousiast onthaald door een aantal andere toeristen. Perrine, Benjamin en hun 4 kinderen reizen met hun Defender 130 door Zuid-Amerika voor 1 jaar. (www.lessixauxameriques.frHun Def krijgen we helaas niet te zien, want -guess what…- de auto staat in panne. En dat net nu de (groot)ouders hen komen bezoeken… (van waar kennen we dat?)
Alleszins, ze zijn er erger aan toe dan ons, want de motor van hun voertuig is kapot. Ze wachten in deze camping op het verdict en de oplossing van de mecanico in Quito die zich over hun wagen ontfermt. Spannende dagen voor hen dus.
Aan gespreksstof geen gebrek met deze sympathieke Franse familie, onze tijd samen vliégt voorbij!

ScreenHunter_003

La famile Castanié

Na Baños rijden we naar de jungle in de buurt van Rio Napo waar we AmaZOOnico bezoeken. (Zie verslag Arthur) Als we daarna op zoek gaan naar slaapplaats, komen we in een hele speciale plek terecht: Sinchi Warmi, wat zo veel betekent als “sterke vrouw”. Dit toeristisch complex is opgericht en uitgebaad door een aantal ondernemende vrouwen (ok, ook 3 mannen :-)) van de plaatselijke community. De plek voelt aan als paradijs! Een mooi centraal gebouw  omgeven met schitterende planten en bloemen en kleine hutjes die als lodges voor de toeristen dienen. We mogen onze tent opzetten in hun tuin. Ze bieden er tal van activiteiten aan: wandelingen allerhande (o.a. naar hun community), rafting, juwelen maken, chocolade maken (zie verslag Rianne),…

Naast een handvol toeristen, lopen er heel wat jonge mensen rond op dit domein, vrijwilligers die hier meehelpen om -letterlijk- de fundamenten te leggen van de Engelse school die ze hier willen bouwen om zowel zichzelf als de kinderen uit de community Engels aan te leren.
We (afin, vooral ik, denk ik) zijn erg aangetrokken tot deze plek en de boodschap erachter.

Pittig detail, ze hebben hier erg speciale “huisdieren”. In een aquarium in de gemeenschappelijke plaats woont een levensechte tarantula. Leuk om naar te kijken, zo achter glas. Maar als je ’s avonds plots een tarantula op het dak van een hutje 5m van je tent ziet lopen, slik je toch even. Rianne (zowiezo al niet zo gek van spinnen) holt snel nr het aquarium om te zien of Tanti nog in zijn huisje zit. Jawel hoor! Dit is gewoon zijn broertje… Die avond spelt grote zus heel duidelijk de les aan haar broers: “de tent heel heeeeeel goed dicht doen hé!”
De natuurlijke vijvers (waarvan één ook zwemvijver) zijn de natuurlijke habitat van een cayman. Elke avond rond 9 à 10u zakt hij af naar het domein om visjes te vangen. Ik geef toe dat we dit enkel hebben van horen zeggen, want zelf gingen we hem liever niet opzoeken in het donker.
Een minder spectaculair diertje, maar eentje waar we nog dáááágen van hebben mogen nagenieten, zijn de piepkleine zandvliegjes die onze benen en armen erg lekker vonden. We hebben gekrabd als hel! 

Na ons vertrek uit Sinshi Warmi gaan we nog snel in het dorp (Puerto Misahualli) langs de Playa de  monos (=apenstrand). De aapjes spelen er in de bomen en lijken zich niets aan te trekken van de toeristen. Maar als onze jongens zin krijgen om ook even in de bomen te klimmen een eindje verder, hebben de apen hen snel gezien! Ze zwieren op 1,2,3 tot bij Arthur en Lucas en beginnen hen eerst te duwen (wat nog grappig leek), maar gingen al snel over tot (poging tot) bijten…. oeps! De jongens zijn snel uit de boom gesprongen. Het was duidelijk: ieder zijn territorium!

De volgende en laatste stop in Ecuador is Otavalo. Een plaats waar onze tipitent zich op en top moet voelen. Otavalo is het “indianenparadijs”. Hier wonen duidelijk heel wat indiaanse types en hun zaterdagmarkt is alom gekend in het land. Als bij toeval zijn wij er ook op zaterdag en kuieren dus wat rond tussen de kraampjes en worden souveniertjes gekocht.

Nu rest ons enkel nog de grensovergang. Ookal vonden we Ecuador over het algemeen een erg georganiseerd en geciviliseerd land, de organisatie van de migratie en de douane is voor de tweede keer erg ongeorganiseerd en chaotisch.
Wat een verschil met Colombia, waar de migratie van onszelf en onze Def op een hip en een wip gebeurt.

ScreenHunter_009

Sinchi Warmi

27 février – 4 mars 2017

Depuis notre blogpost précédent, nous avons visité plusieurs endroits attractifs avec des rencontres interéssants et agréables.

Tout d’abord à Baños, un paradis pour les volontaires des bains thermals. Quand nous arrivons au camping “Pequeño Paraíso” (=au petit paradis), nous sommes acceuillis par une famille Française de 6. Ils voyagent également en Defender, mais nous ne voyons pas leur Def. Il est… en panne (problème de moteur!) et la voiture est chez un mecanico à Quito. Perrine, Benjamin et enfants (www.lessixauxameriques.fr) avons justement la visite des grand-parents et donc ils voyagent pour le moment tous ensemble en bus (d’où est-ce qu’on connait ca??).
La soirée est super cosy, assez à raconter et à discuter! 

Le lendemain nous nous dirigeons vers le jungle et visitons AmaZOOnico (Voir text Arthur). Le soir nous arrivons dans un complex touristique assez spéciale. Sinchi Warma (Maya pour “femme forte”) est une collaboration entre plusieurs femmes (ok, et 3 hommes ;-)) qui veulent améliorer les conditions de vie pour leur communauté par offrir des logement aux touristes. Elles ont construit un petit paradis! Nous pouvons installer la tente dans leur jardin entouré par des plantes exotiques et plein de fleurs. Moi, j’adore!!!

Elles offrent également plusieurs activités: des randonnées, du rafting, des promenades en kanoë, un atelier à faire des bijoux et un atelier chocolat. Nous sommes attérit par le dernier, mais vous l’avez sûrement déjà lu dans le texte de Rianne. 

Dans le domaine, nous voyons plusieurs jeunes volentairs qui aident par exemple à construire une école pour enseigner l’Anglais aux femmes et aux enfants de la communauté. 

On y voit également plusieurs animaux assez interéssants. Dans les étangs du domaine vit un poisson énorme de 2 mètres mais il y a aussi un cayman qui arrive chaque soir entre 9 et 10 pour y passer la nuit…. J’avoue qu’on n’a pas vérifié ce qu’on nous a raconté là :-).
Un soir, tout près de la tente, on voit une grosse tarantula qui sort de sa cachette pour aller chasser des insectes la nuit… Rianne, inquiète, court vite pour aller voir si la tarantula domestique (qui vit dans un aquarium dans le restaurant) est toujours dans son nid. C’est bien le cas, donc elle donne des ordres bien précis à ses frères ce soir là: “il faut toujours BIEN fermer la tente ici!”
On y fait connaissance avec un petit animal moins spectaculaire, mais bien énervant! Les “mouches de sables” sont des insectes pas plus grands que 2mm, mais leurs piqûres chatouillent infernellement! (Ca se dit??)

Après notre départ de Sinchi Warmi, nous passons au “Playa des monos” dans le village Puerto Misahualli. Dans les arbres habite une famille des singes. On les regarde sauter de branche à branche. Ca donne envie aux garçons et ils grimpent dans un arbre un peu plus loin. Immédiatement les singes sautent jusque chez eux et commencent à pousser Arthur. C’était marrant jusqu’au moment qu’ils on l’intention à lui mordre! C’est bien claire: chacun son térritoire! 

(Presque) sans le savoir, nous passons l’équateur en route pour Otavalo. Ceci est une ville d’indiens. En éffet, les types qu’on croise dans cette ville ont clairement tous bien des ancêtres indiens.
Les samedis il y a une grande marchée (pour les touristes) et nous y achètons pas mal de souvenirs…

Voilà, il fait temps de dire au revoir à ce pays bien aimable et de passer au Colombie, le dernier pays de notre itinéraire.

AmaZOOnico

Mercredi 08 Mars.2017

C’est un zoo qui aide les animeaux qui ont été domestiqué, blessé, ou trouvé en dehors de la jungle. Par exemple: Il y a des minis singes trouvés dans un sac à dos dans un bus. Une sorte de puma qui s’appelle “Andenien Jaguar” qui a été abondonné dans une chambre d’hôtel. Une sorte de Jaguar qu’une dame a acheté en croyant que c’était un chat tigré. 

ScreenHunter_005 (2)

Il y a aussi des perroquets qui nous saluent en disant “hola”.

Ils sont tous ateri au zoo. 

Le but de ce lieu est de soigner tous ces animeaux et de préference de les remettre à la vie sauvage. Malheureusement, la moitié des animeaux ne peuvent plus vivre à la vive sauvage parce qu’ils ont jamais appris à chassé. 

ScreenHunter_006 (2)

Ils accepent des volontiers de partout dans le monde! (Quand je suis grand je voudrai bien venir ici comme volontier.) On peut seulement arrivé a l’ AmaZOOnico en bateau. 

Arthur

ScreenHunter_003

Le Chocolat

le 2 mars 2017

Aujourd’hui, on va apprendre à faire du chocolat.

On a commencé à aller chercher du cacao. Nous nous sommes trouvés dans la jungle à la recherche de cacao. Ce sont des gros fruits. À l’interieur, il y les graines de cacao entourés d’une sorte de fruit blanc. C’est gluant et le goût n’est pas mal. Après avoir ramassé assez de cacao, on repart au domaine de Sinchi Warmi.

La madame nous explique qu’il faut environ une semaine pour avoir les noix de cacao à être pret pour en faire du chocolat, un bon chocolat.( bien sur pas aussi bon que le Côte d’Or ;-))

La deuxième étape est la fermentation. Ca dure environ 2 jours. Ensuite,  ils les laissent secher pour 3 jours en plein soleil.( tous cela on n’a pas vu ou fait.)  La quatrième etape est épluché les graines chaudes (grillés) et cela on fait. Ensuite nous les avons mis dans une sorte de petit moulin qui en fait de la poudre.

Au chocolat en poudre, on a ajouté de la poudre de lait et du sucre au goût de canele. On a denouveau moliner l’ensemble dans le petit moulin. Maintenant on a un poudre plus claire. La madame y a rajouter du lait chaud, de la vanille et de la canele, a melangé et ensuite a versé la sauce au chocolat sur du ananas et de la banane.

On a vite tous dévoré! 2 minutes plus tard…

C’etait vraiment DÉLICIEUX!!!

Les personnes qui viennent dans une semaine et font la même activité vont utiliser les graines que nous avons pluché.

Même chose avec nous, nous avons utilisé les graines des gens de la semaine passée, ou des personnes qui travaillent au centre de Sinchi Warmi.

En attendant, la madame a preparé un liquide de chocolat pour en faire un masque. Elle en a mis sur nos visages et après on a du attendre 20 minutes. 20 minutes plus tard, on a lavé notre figure avec de l’eau speciale. Et notre peau est tout d’un coup toute lisse. 🙂

     

                                                Rianne 💐

Ecuador – het zuiden, le sud

23 – 27 februari 2017

Na de ‘race’ door Noord-Peru, zijn we blij de grens mer Ecuador over te steken. De grensovergang had wel wat voeten in de aarde. We moesten meer dan 2u wachten op een code die nodig was voor op het immigratiedocument van de Def. Maar – behoudens dat – is onze eerste kennismaking met Ecuador erg positief. De douanebeambten waren heel erg sympathiek en dat blijkt met alle Ecuadorianen die we tegenkomen. De natuur is hier prachtig! Bananenbomen en andere fruitbomen (waarvan we meestal de naam niet kennen) wisselen elkaar af met ander groen en… bloemen! Dit alles in een groen heuvelig landschap (afin, heuvels… we zitten op hoogtes tussen de 2000 en 3000m boven zeeniveau). De weggetjes meanderen hier door de bergen, geen 50m zonder (scherpe) bocht. Geen makkelijke rijbanen, maar mijn chauffeur Jan doet dat uiteraard voortreffelijk! 

screenhunter_019

De wegen zijn hier anders best in goede staat en de huizen die we hier zien, hebben allen een hogere afwerkingsgraad dan de huizen die we de voorbije maanden hebben gezien.

Onze eerste stop is Zumba, gewoon een kleine tussenstop om dollars af te halen (Ecuadorianen betalen met de US dollar!), wat boodschappen te doen en een nachtje te slapen alvorens verder te reizen naar Vilcabamba.

Vilcabamba ligt slechts op 130 km, maar daar rij je hier al snel 2,5 tot 3u over.

Vilcabamba is een bijzondere plaats. De levensverwachting van de mensen hier ligt erg hoog. Er zijn alvast meerdere 100 plussers en dat zien we tijdens de carnavalsoptocht die we hier bijwonen. Dit kleine stadje is ook een populaire nieuwe woonplaats voor buitenlanders. Mensen van alle uithoeken van de (westerse!) wereld immigreren naar hier. Zo komen we een Belgische dame tegen die 10 jaar geleden besloten heeft hier Franse bakkerij te openen. We doen een klapke en kopen een aantal van haar heerlijke baguetten en broden. Zoooo zalig om nog eens een echt lekker brood te eten!

Het is hier net Carnavalweekend. En je moet duidelijk niet in Rio zijn om een uitbundig Zuid-Amerikaans carnaval mee te maken. We worden natgegooid met waterballonnen, de kinderen doen mee aan de schuimbussengevechten en zien er lief uit!

screenhunter_028

We verblijven hier in een ecolodge op het natuurdomein van Rumi Wilco net naast het stadscentrum. De gezellige blokhut is een perfecte schuilplaats tegen de veelvuldige regen hier. Ja, het is regenseizoen en daar kunnen we hier niet omheen.

Na ons vertrek uit Vilcabamba houden we nog halt in het Nationale Park van Podocarpus. Dit immense park kent een hele grote biodiversiteit. Er zijn meer dan 500 diersoorten (o.a. Zwarte beren, wolven, Puma’s en tapirs) en meer dan 3000 verschillende plantensoorten.

screenhunter_020

We picknicken eerst aan de rangerpost en gaan dan op wandel. De ranger raadde ons nog af om de wandeling van 5km te doen wegens her slechte weer, maar het zonnetje kwam weer door en dus wagen we het erop. 5km is toch geen grote wandeling, dus dat denken we snel afgelapt te hebben. Helaas, we doen er 3,5u over. De smalle weggetjes over de bergkammen zijn niet altijd makkelijk begaanbaar, er zijn vooral heel wat moeilijke klims en afdalingen. Op bepaalde plaatsen hangen er zelfs touwen om de wandelaars te helpen de stijle helling op te klauteren. Halverwege wordt het ook erg mistig en bewolkt. Het laatste uur van onze wandeling  regent het onophoudelijk en dus we zijn allemaal nat tot op onze onderbroek!

screenhunter_025

Gelukkig kunnen we hier in een hutje blijven slapen en hoeven we de tent met dit weer niet recht te trekken. Ook de overdekte kampeerkeuken van de rangers helpt ons om onze avond door te komen. Want de regen… die stopt niet!

Daags nadien zetten we koers naar Cuenca, de zogezegd levendigste stad van het land. Maar de bevolking moet hier nog met een kater in bed liggen. De straten zijn leeg, de winkels dicht. We eten in een Indisch restaurant (faut le faire, in Ecuador…) en slapen in een warm hotel, waar we ook onze kleren kunnen uithangen om droog te krijgen. 

———————————————————————

Equateur- le Sud

23 – 27 février 2017

Après “la course du Nord du Pérou”, nous sommes contents de pouvoir croiser la frontière d’Equateur. Nous sommes acceuillis par des douaniers super sympas, mais le temps d’arranger nos papiers prend plus que 2h!

Notre première impression de ce pays est très positive. La nature est splendide! Les collines vertes sont couvertes des bananiers, des arbres de papaya et des autres fruitiers dont nous ne connaissons pas le nom et… plein de fleurs! 

screenhunter_023

Les maisons et les jardins ici sont bien entretenus et tous les gents qu’on rencontre sont hyper sympas, gentils et sincères.

Les routes sont bonnes, mais lentes à cause des nombreuses virages. Pas toujours facile à conduire, mais mon chauffeur Jan fait un travail impéccable!

Notre premier arrêt se fait à Zumba. Rien qu’un petit stop pour retirer de l’argent (des US dollars ici en Equateur), faire des courses et de rester la nuit avant d’aller à Vilcabamba.

Vilcabamba est seulement à 130km, mais nous y faisons 2,5 à 3h à cause des routes sinueuses.

Vilcabamba est un endroit spécial. L’espérance de vie des gents ici est élevée. Qu’il y a plusieurs gents de plus de 100 ans est même claire dans la procession de carnaval.

screenhunter_030

Pas mal d’étrangers sont attirés par cette petite ville et viennent y habiter. Selon eux une dame de Namur qui a déménagé ici il y a 10 ans. Elle y a ouvert une boulangerie Française et nous nous régalons de ces pains et baguettes délicieux. Mmmmm, que ca fait du bien!

C’est le weekend de Carnaval. C’est claire, pas besoin d’être à Rio pour fêter un carnaval Sud-Américain. Nous sommes attaqués par des ballons d’eau et des bouteilles de mousse et nos enfants y participent avec plaisir!

Nous logeons dans un écolodge dans la domaine naturelle de Rumi Wilco, pas loin du centre ville. Ces cabines sont entièrement fait du bois et sont bien aménagés (cuisine équipée , salle de bain, des lits,….). Très cool, selon les enfants. 

Nous quittons Vilcabamba et nous dirigeons vers le Parque National de Podocarpus.  Ce parc contient plus que 500 sortes d’animaux (dont les ours noirs, des Puma’s, des tapirs, des loups,…) et plus que 3000 sortes de plantes et de fleurs. Nous prenons le picnic au station du ‘ranger’ et voulons faire une promenade de 5km. Le ranger nous advise de faire une promenade plus courte à cause du temps, mais quand le soleil réapparait, nous décidons évidemment de faire le tour complet. Les paysages sont magnifiques, mais la route est dûr à faire avec beaucoup de montés et déscente très difficile. Biensûr que le ciel devient de plus en plus nuageux et la pluie est de retour… Nous faisons finalement 3,5h pour faire cette randonnée et arrivons comme des poules mouillées au station du ranger. Heureusement qu’on peut loger ici dans un petit “cabaña” et que nous pouvons utiliser leur cuisine couverte de nous protéger de la pluie qui n’arrête pas de tomber…

screenhunter_027

Le lendemain nous embarquons nos vêtements salles et toujours mouillés et nous dirigeons vers la vie civilisée à Cuenca, la ville la plus vive en Equateur. Mais…. après ce weekend de carnaval, il y a peu de vie dans cette ville. Les magasins sont fermés et on voit peu de personnes dans les rues.

On s’en fou. Nous mangeons dans un resto indien et dormons bien chaud et sec dans un hotel ou on en profite de secher nos vêtements…

screenhunter_026

 Spijtig genoeg zijn we wat beeldmateriaal (van carnaval) kwijt dat we graag in de tekst hadden gezet. On a perdu quelques photos (selon ceux du carnaval), beaucoup de texte cette fois ci. Nos excuses.

Colca Canyon

13 – 14 februari 2017

Tijdens ons verblijf in Chivay nemen we de mogelijkheid om niet enkel het kleine maar gezellige stadje te bezoeken, we maken ook een trekking door de Colca Canyon.

Deze canyon is de derde diepste van de wereld, met een maximum diepte van meer dan 3000 meter. In groep en onder begeleiding van een gids dalen we op dag een af in de canyon. Na een goede halve dag wandelen staan we op de bodem van de canyon aan de rivier. Via wandelpaadjes, er zijn hier geen auto’s, wandelen we naar het iets meer stroomafwaarts liggende dorpje waar we de nacht gaan doorbrengen. Er is een zwembad en een happy hour in de bar. Het ijs tussen de groepsleden was al eerder gebroken tijdens de wandeling, en dus spenderen we samen een gezellige avond. Onze medestappers zijn allen jongeren die al dan niet voor langere tijd rondreizen. Onze familie vertegenwoordigt de jongste, maar ook de oudste deelnemers van deze tocht.

screenhunter_008

De volgende morgen staan we om 04:45 gepakt en gezakt klaar om de lange tocht naar boven (1300 meter omhoog) te starten. Tijdens het stijgen komt de zon ons wat opwarmen. We komen een kudde muilezels tegen die onderweg naar beneden zijn met voedsel en proviand voor het dorp. We verwonderen ons echt hoe deze mensen in het donker deze afdaling veilig konden afronden.

De kinderen doen het ongelooflijk goed. Ze lopen constant vooraan in de groep. De tocht is echt wel zwaar en meerdere van de minder geoefende volwassen zien zwarte sneeuw en blauwe bollen.

screenhunter_005

Tegen de vroege morgen staan we eindelijk boven. De kinderen worden uiteraard uitbundig gefeliciteerd. En terecht!

We krijgen nog een ontbijt, springen in de bus naar de condors viewpoint. Nadat we eindelijk enkele condors gezien hebben, het duurde veel te lang voor de kinderen, rijden we tot aan een thermisch bad. HEERLIJK voor onze vermoeide beentjes.

screenhunter_011

————————————————–

Pendant notre temps à Chivay (reparation xxx de notre voiture), on profite d’aller faire une randonnée.

On descend dans le Colca Canyon, le troisième plus profond canyon dans le monde. Il mesure plus de 3000 mètres, mais nous descendons à l’endroit où le canyon mesure ‘seulement’ 1239 mètres.

screenhunter_004

Nous rencontrons le reste de notre groupe, tous des jeunes étudiants. Notre famille représente les participants les plus jeunes et les plus âgés du groupe. Il faut pas dire que les autres gents nous regarde avec (dés)espoir : est-ce que la famille réussira de monter demain ?

screenhunter_003

Apres une bonne promenade, on se trouve en bas du canyon. Ici on a pas de voiture, ni moto. Toutes est transporté à pied ou par âne.

screenhunter_004

Notre ‘hôtel’ est un peu plus loin dans un petit village. L’ hôtel est équipé d’une piscine remplie avec de l’eau frais de la rivière. Quelle fête, surtout quand on découvre qu’il y a aussi un happy hour dans le bar.

screenhunter_007

Pas de nuit blanche pour nous, à 4h45 on est prêt à partir, à monter les 1239 mètres! Nos 3 chèvres de montagne suivent le guide du près et au début du groupe. Il y a des adultes moins sportives qui souffrent fort! (non, ce’nest pas moi, le plus âgé du groupe.)

Quand on arrive en haut, les enfants reçoivent des félicitations de tous, avec raison ! Quelle prestation !

screenhunter_012

Apres un bon petit déjeuner, on va voir des condors. Mais il y a pas mal de brouillard. Et les condors sont comme les Fokkers de KLM qui ne savez pas voler dans le brouillard !

On les vois quand même, après une heure d’attend ! Les bains thermiques sont notre prochaine stop. Ca fait du bien pour les jambes fatiguées.

screenhunter_010

From 5000 to 0

17 feb – 21 feb 2017

These are not RPM’s, or kilo’s. This is us driving from Chivay to the sea level in one day. Via a beautiful and well maintained road we drove in one day from almost 5000 meter to the sea.

It’s the right way for the car. Defenders don’t like driving above 4000 meters high. Below this altitude, they perform better, with less black smoke and more power.

Also for us, it was a welcome change after more than 6 weeks at altitude, finally at the sea again!

screenhunter_001

We take the opportunity to have a picnic ‘pied a l’eau’. We needed some extra time to get back on the road….

screenhunter_002

After struggling more than a month with the turbo, first the rebuilt one who worked for 3000 km, and now a new one, it seems the Defender is behaving again.

We follow the Panamericana to the North. At the beginning from Camana to Yauca it was a single lane road curving around the mountains and the creeks. Later more to the north it’s mostly a highway with two lanes, but in all cases it’s a well maintained road. A pleasure to drive and make kilometers, we love the scenery passing by.

A stop at the NAZCA lines is off course obligatory! We climb up the Maria Reich tower. This German scientific has spent most of her life investigating the different lines. Since we did not want to spend the money on a airplane we could only see a limited amount of lines, satisfying enough!

The day after we stay in Ica, this is the paradise of sand dune driving and snowboarding. While Barbara is taking some ‘me’ time, the kids and me take some ‘we’ time. We have a lot of fun. When the driver/guide drives up to the next high hill for the sunset, the kids only have an eye for the next descend awaiting them. Exhausted and satisfied we flush the sand of in the swimming pool!

There was no stop planned in the capital city, Lima. We pass the mega city on Sunday during daytime. We anticipated less traffic…Luckily enough the copilot guided us through without hesitation.

In Lima we meet Land Rover Peru Members. Enough to talk about!

We stay for a night in a swimming paradise. We have more than three swimming pools available, two slides. In the evening we socialize with two young holiday workers from the resort..

Temperature during day and night is much higher than in the mountains, which brings lovely evenings, and a lot of Mousquitos.

We pass 20.000 km in South America, equivalent to 4 years of school run and cruising around the church with the Defender!!

 

 

Run over your own winch

The Defender is from day one when I purchased it in 2008 equipped with a removable winch. This winch is attached via a 1 ½” receiver either on forward or aft of the car. Since we have been told in the different overland story’s that a winch was needed during an overland trip we took ours with us. We have only used it onces in the last 5 months. The winch was high on the list to send home with the grand parents, my parents in law, when they returned form there visit in Peru. But weight restrictions on the plane have taken over. 🙂

After we left Juliaca we have been driving mainly on nicely asphalted roads. Peru has a set of nice roads! During our descend to Chivays we heared a loud bang, and in the mirror I could see some torned up metal. Also a trace of oil was marking the road.

screenhunter_089

Further investigation shows that the winch felt off, and we have been driving over it. First it has hit the anti rollbar, than the transfer case, after which it has clear cut the aft prop shaft off. A big hole in the transfer case cover, a propshaft which was reduced to some metal scrap and a winch broken in half was the major damage.

We have been lucky that a friendly couple underway with there young child to visit their parents in Chivay wanted to take us with them. We left the Defender on the side of the road and jumped all 5 on the aft seat.

Chivay is a small but friendly village. One mechanic workshop, El Azul, was pointed out to us for his knowledge and craftsmanship. This turned out to be 200% through, but also we met a very friendly and sympathic couple, Irma and Salamon. We have been fortunate, again!

screenhunter_070

Immediately after explaining our problem we jumped in a taxi to drive up the hill again and check what could be done.

The car was brought down and a plan was established. We were invited to sleep in there house for the night.

screenhunter_072

Since it was weekend and the spares would come during the week we took the opportunity to walk down into the Colca Value. This is the third deepest canyon in the world. 1239 meter down and back up.

During a small talk with Salamon it turned out he was looking to have a similar winch like we have. He would use it to help and recover cars in problems. I had the remaining’s of the winch which we had found after the incident already stored on the roof in a storage box. I was planning to repair the winch when home. But when I understood Salamon was looking for such a winch, I was more than glad to take it out the storage box and present it to my new friend.

screenhunter_071

 

 

Thanks Salamon and Irma!!